Categorie archief: nieuwsbrief

Tegen Parijs – en toch een stuk Franser

Henk van der Laan

Het kan zijn dat Mark Rutte en Wopke Hoekstra de tactiek van good cop, bad cop hebben uitgedacht. Zo niet, dan loopt Hoekstra zijn premier de laatste tijd flink voor de voeten.

Het is tijden geleden dat een Nederlandse premier het zo goed kan vinden met de Franse president. Zo zijn er nooit zulke tegengestelde persoonlijkheden geweest als Jan Peter Balkenende en Nicolas Sarkozy en Wim Kok was veel te Nederlands voor de door en door Fransman Jacques Chirac. Emmanuel Macron, niet zo staatsgericht en gekozen met een liberale hervormingsagenda, brengt Parijs zachtjes naar een richting waar handelsnatie Nederland wat mee kan.

Daarnaast is Rutte de laatste tijd steeds Europeser gaan opereren. Het Verenigd Koninkrijk, een belangrijk bondgenoot in het bieden van tegenwicht tegen de dominante Frans-Duitse as, valt straks weg. Daarom moet Nederland voor zijn economische agenda zelf de boer op. Rutte lijkt dit te doen door nadrukkelijk die as op te zoeken. Bij Duitsland is dat niet zo moeilijk, maar het lukt hem nu ook in Parijs. Zelfs zo goed, dat er gesproken werd over een bromance tussen Rutte en Macron.

Het kan zijn dat Hoekstra niets ziet in die ontluikende hechte broederliefde tussen Rutte en Macron, want als Hoekstra iets aan het doen is de anderhalf jaar dat hij nu schatkistbewaarder is, is het irriteren van de Fransen.

Verlengstuk

Voor Parijs is de EU een verlengstuk van de eigen ambities. Na de Tweede Wereldoorlog en de dekolonisatie kan Frankrijk niet meer de rol van wereldmacht spelen. Maar als belangrijkste economisch handelsblok is de EU wel een wereldmacht, en binnen dat blok is Frankrijk toch maar mooi een van de twee belangrijkste spelers. Dan is het natuurlijk heel irritant als een boomlange Hollander binnen die unie een club van gelijkgezinde noordelingen bij elkaar brengt om een economische tegenwicht tegen jou te creëren. Dat deed Hoekstra met het Hanzeverbond, een praatclub met de Scandinaviërs, Balten en Ieren. Landen die houden van een sobere begrotingspolitiek en een kleine overheid en daarom niets zien in het Franse ideaal van een eurozonebegroting met transferunie. Hoekstra’s Franse ambtsgenoot Bruno le Maire zei al eens dat hij heel ,,oncomfortabel” wordt van dit soort clubjes die ,,gevaarlijk voor Europa zijn”. En deze week meldde hij zo maar uit het niets dat de Nederlandse staat even een flink aandeel in Air France-KLM had gekocht, om zo evenveel invloed op de luchtvaartalliantie te hebben als de Franse staat.

Dan klinkt in onze oren logisch, maar het was ook een motie van wantrouwen richting Parijs. Le Maire reageerde dan ook geïrriteerd, maar dat had waarschijnlijk was dat ook meer gespeeld dan het tekenen van de lieve vrede met Hoekstra gisteren. Want Le Maire zag ook dat de Nederlandse aandelenactie wel heel Frans was: nationale industriebelangen veiligstellen door als staat aandelen van ondernemingen te kopen. Dat is niet het liberaal vrijemarktdenken van het Hanzeverbond, dat is meer het Franse staatsdenken.

Hoekstra liep Parijs dus wel even voor de voeten door Air France-KLM Nederlandser te maken, tegelijk maakt hij deze week het Nederlandse economiebeleid een stuk Franser. Reken maar dat Frankrijk dit Nederland in Brussel nog een keer voor de voeten gaat gooien.

Vreemde mensen

Even stilstaan
Gabriël Anthonio

Mensen die zich anders gedragen worden vreemd aangekeken. Je ziet de ander denken: die is niet normaal. Vreemde mensen, mensen die verward doen, zijn een aparte categorie geworden in onze samenleving. Er zijn werkgroepen, platform-overleggen en zelfs aanjaagteams verwarde personen in het leven geroepen. Dit laatste klinkt alsof het jachtseizoen is geopend. Ik kan maar niet wennen aan ‘aanjaagteams’.

Doordat ik verschillende afspraken in een sneeuwwit Utrecht heb, besluit ik om de taxi te nemen. Een taxiritje van amper vijftien kilometer kost evenveel als zelf ernaartoe rijden en betaald parkeren. De chauffeur, met onvervalst Utrechts accent, van Marokkaanse afkomst legt uit dat hij mij liever niet wilde afhalen. Van het genoemde adres komen nogal wat vreemde mensen. Toen hij me zag was hij gerustgesteld. Ik zag er niet vreemd, maar normaal uit. Ik vraag hem wat hij bedoelt.

‚„Nou op dat adres waar u was, daar bellen mensen om een taxi, dan beginnen ze zomaar in de taxi te praten of te roepen. En dan betalen ze soms ook niet. Of betalen met honderd euro en willen geen wissel- geld. Dat is niet goed, daar komt gedonder van.”

Mensenkennis

Ik vroeg hem hoe lang hij al als taxichauffeur werkt. „Meer dan twintig jaar meneer. Ik heb mensenkennis weet u. Mijn broer heeft hersens, die is apotheker geworden. Ik taxichauffeur.”

Hij lacht, ik grinnik mee.

„Maar laatst zat ik er helemaal naast. Ik moest een mevrouw ophalen, ook bij zo’n adres waar wel eens van die vreemde mensen vandaan komen. Die zag er echt ziek uit. Mager, rode ogen, bruine vingers van de sigaretten. Nee, ik zweer het, echt een psychisch geval. Toen vroeg ik wat ze deed voor werk. Nou toen bleek ze leiding te geven aan een groot schoonmaakbedrijf, echt dik vet bedrijf. Ik heb het op mijn telefoon nagekeken en ze is daar de hoogste van de hoogste baas. Ze vertelde wel dat ze veel rookte, af en toe dronk en geregeld blowde. Maar verder, echt heel normaal. Zag er alleen niet uit, echt als een vreemde persoon. Zo een die dan aan het einde van de rit niet betaalt. Nou, van haar kreeg ik tien euro fooi toen ik haar bij een dikke villa in Zeist heb afgezet. Ze bleek dus echt een heel normaal iemand te zijn!”

Eigen definitie

We zwijgen, ik laat mijn gedachten even de vrije loop. De vlokken sneeuw dwarrelen op de voorruit. Dus als je een stevige functie en veel geld hebt is het normaal om veel te
roken, geregeld te blowen en te drinken? De taxichauffeur hanteert een hele eigen definitie van ‘vreemde mensen’. Het roept bij mij de vraag op wat ‘vreemd’ eigenlijk is.

Bij het uitstappen reken ik af en geef twee euro fooi. De taxichauffeur bedankt me vriendelijk, communiceert alweer met de centrale over de volgende rit. Hij draait het raampje nog even open voor hij weg rijdt. „Sorry dat ik eerst dacht dat u misschien niet normaal was, maar u valt wel mee hoor!”

Steekt daarna zijn duim omhoog, en roept „Goede reis meneer!” Ik kijk die vreemde chauffeur nog lang na. Genoeg stof om over na te denken.

Gabriël Anthonio is bestuurder bij Verslavingszorg Noord Nederland en bijzonder hoogleraar aan de RUG.

Cruciaal investeermoment in Emma

Harriëtte Smit

Jongerenweekenden zijn een geestelijke oplaad-en-groei-plek voor de jeugd om hun geloof te verdiepen en te vernieuwen. Dat gebeurde onlangs ook in Frankrijk.

In de normaal gesproken rustige pastorie van de protestantse gemeente van Anduze is het deze zaterdagmiddag een gezellige boel. Er klinkt muziek, gelach en gestoei. Tieners lopen binnen met een weekendtas, en slaapmatje plus slaapzak onder hun arm. De één wat schuchter vanwege z’n eerste keer, de ander vol zelfvertrouwen. Er wordt gejuicht bij het weerzien van vertrouwde vrienden. Ouders delen nog even een kus uit, gevolgd door een laatste zwaai. Het scholierenweekend gaat van start!

Sinds twee jaar draait het concept ‘week-end EssenCiel’ tweejaarlijks in de regio Cevennen. De weekenden voorzien in de behoefte van ontmoeting en geloofstoerusting voor tieners in de leeftijd van 11-18 jaar. Zo’n weekend geeft een lokale kerk de kans om als totale gemeente te oefenen in gastvrijheid, actief mee te doen en de 25 tieners een onvergetelijk weekend te bezorgen.

De tieners krijgen de gelegenheid te groeien in hun geloof en de kans om nieuwe vriendschappen te sluiten. Franse jongeren missen vaak leeftijds-geloofsgenoten in hun klas of directe omgeving. En ook handvaten – tools – om hun geloof te verwoorden.

Privézaak

In Frankrijk is geloven volgens velen een ‘privézaak’. ‘Fijn als je gelooft, maar val mij daar niet mee lastig!’ Dat maakt het voor christelijke jongeren niet altijd gemakkelijk om te getuigen in hun vriendengroep. Dit onderstreept het belang van vormingsweekenden als ‘EssenCiel’. De uitwerking is opmerkelijk, zo blijkt in de praktijk.

Emma (13) is de enige jongere in deze kerk van Anduze. Vorig jaar nam ze voor het eerst deel aan een van onze scholierenweekenden. Ze kwam in haar eentje! Daar was moed voor nodig. Zeker als je ziet dat anderen met meerdere tieners of soms de hele jeugdgroep present zijn.

In het begin stond het huilen haar nader dan het lachen. Met zorg en extra aandacht vond ze haar draai. Het was mooi om te zien dat ze aan het eind van de eerste middag twee vriendinnetjes had gevonden die net als haar aan sport deden en creatief waren. Mooi, om Emma met een glimlach op haar gezicht en omringd door twee vriendinnen te zien genieten. Aan het eind van het weekend zei ze vol enthousiasme: ‘Tot de volgende keer hè!’

Bemoedigen

Afgelopen zomer kwam ik haar op een van onze tienerkampen tegen. Wat genoot ze! Ze vertrouwde me toe dat ze er over nadacht om belijdenis te gaan doen. De weekenden en het kamp hadden haar geloof versterkt en het verlangen aangewakkerd om zichtbaar haar geloof te belijden in de kerk. Bij haar dominee volgt ze op dit moment belijdeniscatechese en ze hoopt voor de zomer belijdenis te gaan doen. Hieruit blijkt weer hoe cruciaal jongerenactiviteiten zijn voor jongeren in hun geloofszoektocht.

De afgelopen keren was Emma steeds alleen naar de weekenden gekomen, dit keer zouden we met z’n allen naar ‘haar’ toe gaan. Met als doel haar te bemoedigen in haar eigen kerk, waar ze de enige jongere is tussen alle ouderen.

Om onderlinge kennismaking en verbondenheid te vergroten werd er ’s middags door heel Anduze een coöperatief teamspel gedaan. Zo maakten de jongeren kennis met de mooie stad van Emma. Vervolgens werd er in kleine leeftijdsgroepjes nagedacht over het thema ‘Etre bien dans ses baskets’, dat wil zeggen: ‘goed in je vel zitten.’ De kerkelijke gemeente had voor een heerlijke maaltijd gezorgd en ’s avonds volgde er een lofprijzingsavond waarbij ook gemeenteleden en ouders welkom waren.

Jeugdhotel

Op die avond gaf Emma haar getuigenis: ‘God helpt me steeds weer in m’n geloof, Hij geeft me de kracht te geloven ondanks dat ik de enige jongere ben in m’n kerk. Binnenkort doe ik belijdenis en wil ik graag m’n relatie met God bevestigen. Iedereen onder ons is op zoek naar vrede en rust en die heb gevonden met én in God!’, aldus de dertienjarige Emma.

Na de lofprijzingsavond veranderde de pastorie in een waar jeugdhotel. De verschillende vergaderzalen en zelfs de studeerkamer van de dominee lag bezaaid met matjes en jongeren. Slapen in de kerk blijft toch een unieke, leuke herinnering vinden de jongeren zelf.
Zondagmorgen waren de jongeren actief in de dienst. Zij verzorgden het welkom, de liturgie en de muziek! Mooi om Emma in haar eigen kerk te zien, omringt met 25 leeftijdsgenoten. Deze zondag was ze een keer niet de enige jongere in haar kerk.

Jongerenweekenden als deze zijn een geestelijke oplaad-en-groei-plek voor de jeugd om hun geloof te verdiepen en te vernieuwen. In de ontmoeting met de ander te ontdekken dat je niet de enige gelovige bent van je leeftijd. En vriendschappen je kunnen helpen je geloof te durven leven. Cruciaal dus voor de Franse jeugd zo’n weekend EssenCiel. Het investeren in hen is het zó waard.

Harriette Smit is landelijk jeugdwerkadviseur bij Unepref en woont in Aix-en-Provence.

Alle Haagse kerken in het stadion van ADO

Bladspiegel
Lodewijk Born

U kent het wel: u bent op een stedentrip, komt uw hotelkamer binnen en ziet vrijwel altijd een bijbel liggen. Dezelfde ervaring kunt u hebben bij een ziekenhuisopname. Het is allemaal het werk van de Bijbelvereniging.

In Ons orgaan, het blad van de Bond van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland, vertelt voorzitter Harm Jager van de Bijbelvereniging hoe dit fenomeen in 1899 in de Verenigde Staten begon met een droom van een paar mensen. Inmiddels is er in meer dan tweehonderd landen een afdeling van de destijds opgerichte organisatie The Gideons International.

In Nederland bestaat de afdeling meer dan zeventig jaar. De bijbels worden nog altijd geplaatst in hotelkamers en ziekenhuizen, maar ook in zorg- en verpleeghuizen, hospices, vakantiebungalows, bed & breakfasts en zelfs op schepen en in gevangenissen. Harm Jager vertelt over een initiatief dat enkele jaren geleden geïntroduceerd werd door de Bijbelvereniging. ,,Het is een kist met acht vakjes, waarin totaal zo’n honderd Nieuwe Testamenten een plaatsje kunnen krijgen.” En die box met bijbels is een succes. Tot nu toe zijn er al meer dan 1500 Bijbelboxen geplaatst. ,,Iedereen die is geïnteresseerd in de Bijbel, mag een Nieuw Testament meenemen in zijn of haar eigen taal. Ze worden geplaatst in kerken, ontvangsthallen, wachtkamers, ontmoetingsruimten, diaconale centra en kringloopwinkels.”

De Bijbelvereniging geeft ook losse bijbels weg aan vluchtelingen en verslaafden. En als jongeren uit de jeugdgevangenis worden ontslagen, krijgen ze een bijbel mee met een persoonlijke boodschap erin geschreven. Het komt regelmatig voor dat deze stoere jongeren in tranen een bijbel in ontvangst nemen.

Actie

Kerk in Den Haag, de maandkrant van de gezamenlijke kerken in die stad, schenkt aandacht aan de oecumene. De Haagse Gemeenschap van Kerken (HGK) heeft oude papieren, want werd in 1968 opgericht. Nu participeren er twintig kerken in. Een van de recente acties was een wake voor Jemen, in december.

Dominee Jasper Klapwijk, predikant van de gereformeerd-vrijgemaakte Ichtuskerk, komt aan het woord. Zijn kerkverband zit niet bij het Haagse kerkenplatform maar hij heeft wel vergezichten over wat er allemaal zou moeten kunnen in Den Haag. ,,Het aanbod van kerken in Den Haag is versnipperd en de vraag is of je je dat in de toekomst nog kunt permitteren.”

Het is volgens de predikant belangrijk om de stad iets te laten zien van het koninkrijk van God. ,,Mijn ideaal zou zijn dat we een keer met alle Haagse kerken samen één viering houden in het ADO-stadion.” Er zijn in de stad ongeveer tweehonderd (!) christelijke geloofsgemeenschappen, waarvan 120 migrantengemeenschappen. Genoeg voor een vol stadion dus. Maar ook voldoende potentieel voor meer oecumene.

Inbreng en drijfveren

Kerkbeheer, het blad van de Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer in de Protestantse Kerk, kondigt met enige trots een nieuwe rubriek aan: VKB Vrouw. Tijdens de bijeenkomsten van de kerkrentmeesters zijn er vaak voornamelijk mannelijke kerkrentmeesters te zien. ‘Maar de vrouwen zijn er zeker.

En we willen ze graag in beeld brengen’, aldus de redactie van Kerkbeheer. Vrouwen mogen in de rubriek vertellen over ‘hun inbreng en drijfveren’.

Jet de Lange, voorzitter van de kerkrentmeesters in de Protestantse Gemeente te Didam, mag het spits afbijten. Ze is bestuurs- en gemeentesecretaris en was dus geknipt voor de rol als voorzitter. Tegelijk blijkt: de problematiek is hetzelfde, ongeacht het geslacht: het gaat over het meerjarenonderhoudsplan voor het kerkgebouw, de vergrijzende gemeente en ‘opschaling van de organisatie’.

In de rubriek Bladspiegel beschouwen Lodewijk Born en Jan Auke Brink tweewekelijks opmerkelijke zaken uit de landelijke kerkbladen.

Antisemitisme, een psychische ziekte

Tamarah Benima

Over antisemitisme schrijf ik niet graag. Het is alsof je door je partner in elkaar geslagen wordt en alsmaar moet vertellen hoe dat nou voelt, hoe het is gekomen, wat er met de partner aan de hand was, wat er met jou aan de hand is, hoe je denkt het te voorkomen, dat het je vaker is gebeurd, dat je anderen kent die ook in elkaar geslagen zijn, dat het blijvende schade aanricht, dat je bang bent dat je kinderen ook gemold zullen worden, enzovoort.

En dat dan vertellen moet aan familie, vrienden, buren, politie, politici, onderwijzers, verslaggevers, wetenschappers, radio-makers en andere belangstellenden.

Ik word van alle berichten over antisemitisme stuurs: laat me met rust! Ik wil gewoon de Jodin zijn die ik ben.

Ik doe er niemand kwaad mee. Ik heb als Jodin veel te bieden, maar je hoeft van mij niets aan te nemen of af te nemen. Leef en laat leven. Richt je op je eigen zorgen en behoeften…

Psychose

Maar zo werkt het niet. Labour-leden hebben Jeremy Corbyn de rug toegekeerd vanwege antisemitisme. De Frans-joodse filosoof Alain Finkelkraut is fysiek aangevallen vanwege antisemitisme. De Dokwerker is met verf beklad vanwege antisemitisme. In Amsterdam is ‘JHK’ – naar verluidt: Joden hebben kanker – gekalkt. In het Franse stadje Quatzenheim zijn deze week bijna honderd grafstenen van Joden beklad met swastika’s.

Moe, ben ik ervan. Moe tot diep in mijn ziel. Het antisemitisme is, voor zover ik het zie, een collectieve psychose. Een psychische ziekte met allerlei (soms heel goed verpakte) waandenkbeelden, waar geen argument tegenin valt in te brengen. Je kunt nog zo vaak aantonen dat de overgrote meerderheid van Joden straatarm was, de Joden trokken ‘met hun geld’ aan de touwtjes in deze wereld, en doen dat nog steeds. Je kunt nog zo vaak zeggen dat elk (!) volk zich het beste op aarde vindt, geen enkel volk uitgezonderd, de Joden zijn arrogant want zij vinden zich het uitverkoren volk. Je kunt nog zo vaak aantonen dat Joden eerder problemen van de wereld oplossen dan ze veroorzaken, het helpt gewoon niet.

Moe, ben ik ervan. Heel erg moe.

Volgens Kohlbrugge biedt alleen het evangelie hoop en troost

Tjerk de Reus

Geloven kan paradoxaal zijn: je gelooft in een goede God, maar je gevoel komt daar helemaal niet in mee. De theoloog Kohlbrugge heeft fascinerend geschreven over dit spanningsveld.

In het christelijk geloof is altijd veel te doen geweest om de verhouding tussen openbaring en ervaring. Dat klinkt meteen theoretisch, maar dat is het niet. Je kunt ook zeggen: aan de ene kant is er de Bijbel, aan de andere kant heb ik mijn gevoel en ervaring.

Die twee kanten kunnen ver van elkaar verwijderd zijn. Veel theologie is erop gericht om deze tegenstelling op te lossen. God kan dan iemand zijn die ‘heel dichtbij’ is, die zich als het ware ‘in’ onze werkelijkheid bevindt, zeker ook in de stilte van ons hart. Dat klinkt heel harmonieus. En als het om de hedendaagse samenleving gaat, die zo seculier lijkt, kun je zeggen: via de Geest werkt God op een onzichtbare manier in mensen.

Wezenlijke kloof

Wie in deze richting denkt, heeft minder last van het nare idee dat God ver weg is. Toch is er ook altijd een krachtige lijn in de protestantse theologie geweest die de kloof tussen mens en God erkende als wezenlijk.

Daar hoort de naam bij van Hermann Friedrich Kohlbrugge (1803-1875), een negentiende-eeuwse theoloog. Zijn boek De eenvoudige Heidelberger is onlangs in een gloednieuwe uitgave verschenen, ook nog eens met een aantal tot dusver onbekende preken.

Eerst iets over het type boek. De eenvoudige Heidelberger is een zogenoemde ‘catechismusverklaring’. Dat klinkt ouderwets en dat is het ook wel, maar het genre wordt nog altijd beoefend, met name aan de rechterkant van kerkelijk Nederland. Het komt erop neer dat zo’n catechismusverklaring preken bevat bij de tweeënvijftig ‘zondagen’ van de Heidelberger Catechismus, het bekende belijdenisgeschrift, ook opgenomen in de grondslag van de Protestantse Kerk.

In de loop der tijd hebben vele predikanten hun zondagse preken naar aanleiding van de Heidelberger Catechismus in boekvorm uitgegeven. Kohlbrugge zelf heeft zijn catechismuspreken echter niet gebundeld, dat is gedaan door mensen die zijn preken bewonderden, pas in 1941.

Niet compleet

Niettemin is De eenvoudige Heidelberger een klassieker in het uitgebreide oeuvre van Kohlbrugge, tot op vandaag. Maar de uitgave van 1941 bleek niet compleet: er zijn in de loop der tijd preken opgedoken die er ook in zouden passen. Dat ‘gebrek’ is nu goedgemaakt, zodat de ondertitel van de nieuwe uitgave luidt: ‘Opnieuw samengesteld, met achttien preken aangevuld en taalkundig aangepast’. Het spreekt vanzelf dat liefhebbers van Kohlbrugges werk deze nieuwe uitgave meteen zullen willen aanschaffen.

Terug naar de ‘geest’ van Kohlbrugges prediking. Wat had hij te melden, dat hem nog altijd tot een bijzondere gestalte maakt in de protestantse theologie? Per slot van rekening zijn het niet de kleinste theologen geweest die Kohlbrugge wisten te waarderen: allereerst de grote twintigste-eeuwse theoloog Karl Barth en verder Nederlandse grootmeesters als Oepke Noordmans en Kornelis Heiko Miskotte, evenals iemand als Conrad Willem Mönnich.

De reden waarom Kohlbrugge zo’n belangrijke plek inneemt, is het existentiële gehalte van zijn benadering. Voor Kohlbrugge was het geloof niet iets wat vanzelf sprak. Omgekeerd juist: er was wat hem betreft veel wat geloofsvertrouwen moeilijk maakt, zoals ziekte, moeilijkheden in het levenslot, schuldbesef, innerlijke verwarring, zonde, onbegrip. Hij was hierin heel realistisch en wilde niet over de problemen heen praten waarin mensen nu eenmaal verstrikt zitten.

Radicale inzet

Maar anders dan predikanten die dan graag toch ook wat goeds en moois in mensen willen waarnemen, dat nog wel aansluit bij God en bij het evangelie, wilde Kohlbrugge blijven bij de mens die zijn bestaan als problematisch ervaart en niet beschikt over een oplossing van eigen makelij. Je moest maar niet proberen, zei hij eens, om met je krukken, al strompelend, de berg Sion te beklimmen. Dat is Kohlbrugges radicale inzet.

Maar daarbij blijft het niet. Juist omdat hij van de mens geen oplossing verwachtte, zette hij alles op de kaart van de reddende en bevrijdende kracht van God. Dat concentreerde zich in het woord, dat van de andere kant komt. De manier waarop hij dit verwoordde, uiterst helder en puntig redenerend, verraadt een geweldige spanning in zijn theologie: spanning tussen wanhoop en hoop, tussen schuld en verzoening, tussen treurnis en troost. ‘Het Woord moet het doen’, stelde hij, en: ‘Het Woord doet het ook!’

Als het gaat om de verhouding openbaring en ervaring neemt Kohlbrugge een heel eigen positie in. De menselijke ervaring was voor hem een dramatische wirwar, tegenstrijdig en zonder uitweg. Dat is het existentiële moment, dat deze negentiende-eeuwse theoloog toch ook modern maakt, in elk geval herkenbaar voor mensen van vandaag. Alleen een woord van buitenaf – het evangelie – biedt hoop en troost, geloofde Kohlbrugge.

En met dat protestantse sleutelwoord ‘troost’ zijn we terug bij de Heidelberger Catechismus, die begint met de vraag: ‘Wat is je enige troost?’ Vooral die eerste vraag en het antwoord daarop hebben Kohlbrugge zijn hele leven gefascineerd. Zijn prediking valt te beschouwen als een grote variatie op dat thema. Daarmee is Kohlbrugge blijvend actueel, als een oer-protestant, die niet wilde beginnen of eindigen bij menselijke ervaringen, maar alles ophing aan de eenvoud van het bevrijdende Woord.

De eenvoudige Heidelberger. H.F. Kohlbrugge. De Banier. 44,90 euro

Gebraden duiven voor Baudet en Wilders

Contrapunt
Sytze Faber

In ons politieke wereldje floreert wensdenken dat het een aard heeft en is de kop in het zand steken voor onaangename feiten een reflex geworden. Mede omdat er altijd wel een verkiezing op komst is, zijn politici om de haverklap op verantwoordelijkheidsvakantie. De gevolgen laten zich raden. Een greep uit verschillende sectoren.

Een alarmerend rapport over grootschalige mestfraude, waarbij de onderwereld kind aan huis werd in de bovenwereld, stopte de toenmalige PvdA-staatssecretaris Van Dam in de la. Voor het verzwijgen van een misdrijf kan een burger een half jaar de cel indraaien, Van Dam liet zich nog tijdens zijn bewindsperiode benoemen tot top-omroepbestuurder.

Om zicht te krijgen op de ecologische gevolgen ging Brussel ermee akkoord dat 5 procent van de Nederlandse vissersvloot ging pulsvissen. Zo’n zeven schepen. Het werden ruim tachtig. Opeenvolgende bewindspersonen (Verburg, Bleker, Dijksma, Van Dam) wensdroomden over een algehele vrijstelling voor de pulsvisserij. Nee dus. Nu dreigen zeventig vissers terug te moeten in hun hok, een prijzig tochtje. Eergisteren erkende minister Schouten – beter laat dan nooit – bovendien dat ook het monopoliseren door Nederland van de pulstechniek een strategische blunder van jewelste was.

Personeelstekort

De IND heeft een chronisch personeelstekort en lijdt aan incompetentie. Een belangrijke oorzaak dat vluchtelingenkinderen zich in ons land gaan wortelen. Met alle periodieke opschudding van dien. De politiek stond er bij en keek er naar.

Bij het UWV – VVD-minister Bruins was er zes jaar de topbaas – is er steeds klei aan de knikker. Buitenlandse werknemers konden jarenlang ongestraft frauderen. Afgelopen week bleek ook nog eens dat bijna tweeduizend cliënten een levenslange arbeidsongeschiktheidsuitkering kregen zonder dat er een arts aan te pas kwam.

Wegens personeelsproblemen bij de Belastingdienst kregen sinds 2008 ongeveer 350.000 gezinnen ten onrechte geen kindgebonden budget. Dat is gemiddeld zeshonderd euro per jaar.

Cijferkennis

Twee keer zoveel als de gemiddelde verhoging van de energierekening, waarin bewindspersonen en Kamerleden zich recentelijk collectief spectaculair verslikten omdat hun cijferkennis niet op orde was.

Minister Bijleveld (CDA) van Defensie kampt met lang verzwegen ernstige gezondheidsproblemen van militairen en veteranen wegens blootstelling aan chroom-6 bevattende stoffen. Afgelopen week moest ook erkend worden dat een andere groep langdurig giftige gassen en rook hebben moeten inademen.

Nieuw achterstandsbeleid dupeert financieel uitgerekend scholen met veel asielkinderen (taal- en psychische problematiek). Niet te geloven.

Toezicht

Het toezicht van De Nederlandse Bank schoot ernstig tekort bij de grootschalige witwasoperatie van crimineel geld door de ING bank. Minister Hoekstra (CDA) stond op zijn tenen om dit te verhullen.

Falen van de onderwijsinspectie en oogkleppenmanagement waren debet aan het examenschandaal bij het VMBO in Maastricht. De topbestuurder, ook een prominente PvdA-politicus, was tot voor kort met geen stok weg te krijgen.

Bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen is het al heel lang goed mis. Te lange wachttijden, ondermaatse dienstverlening. Lichtpuntje: minister Van Nieuwenhuizen (VVD) zet het nu een krachtige knijper op de neus.

Spreekwoord

Bovenstaande greep telt niet toevallig dertien ernstige politieke misslagen. Dit aantal plaveit namelijk de weg naar het spreekwoord waar ik op aan koerste.

Het ontbreekt ons politieke midden aan denkkader, aan richtinggevende idealen om de samenleving een beetje vooruit te helpen. In plaats daarvan politieke luiheid, armzalig wensdenken en wegkijken, gemakzuchtige reflexen, eindeloze verantwoordelijkheidsvakanties. De burgers ervaren de overheid daardoor niet meer als bondgenoot maar – zie de voorbeelden – als eentje van twaalf ambachten en dertien ongelukken.

‘En hier zijn de gebraden duiven voor de heren Baudet en Wilders.’

Reageren? fabersyma@gmail.com

Strijdvaardige paus wil nu ommekeer

Frans Wijnands

De paus beloofde aan het einde van de ‘misbruiktop’ in het Vaticaan dat er van nu af aan geen geval van misbruik meer aan de aandacht mag en zal ontsnappen. De wereld kijkt mee of dat werkelijkheid zal worden.

Een ‘oorlogszuchtige’ slotrede van paus Franciscus en de schokkende onthullingen over vernietigde misbruikdossiers typeren de zondag afgesloten vierdaagse topconferentie in het Vaticaan over het kindermisbruik binnen de Rooms-Katholieke Kerk. De boetedoening en de herhaalde mea culpa’s van de ruim 190 deelnemende bisschoppen uit alle delen van de wereld kunnen moeilijk een verrassing worden genoemd.

Duitsland

Het schokkendste nieuws op de conferentie kwam uit onverwachte hoek: uit Duitsland. Kardinaal Reinhard Marx, aartsbisschop van München, haalde keihard uit naar de gang van zaken in de Duitse kerkprovincie in de afgelopen decennia. ,,In Duitsland waar de afgelopen tientallen jaren duizenden gevallen van misbruik aan het licht zijn gekomen, zijn misbruikdossiers bewust vernietigd of er zijn helemaal geen dossiers van aangiften aangelegd.”

Marx, die voorzitter is van de Duitse bisschoppenconferentie, hekelde de aanpak in het verleden toen zwijgen en wegkijken gebruikelijk was. ,,En Duitsland is geen eiland”, daarmee suggererend dat ook elders misbruikdossiers verdwenen zijn, of aanklachten niet in behandeling zijn genomen. Daarom moet er volgens kardinaal Marx in elk bisdom in de wereld een ‘luisterloket’ komen, een adres waar slachtoffers hun verhaal (aangifte) kwijt kunnen en waar schriftelijk nota van wordt genomen.

Het Vaticaan heeft op de slotdag laten weten dat er in de zeer naaste toekomst nog concrete maatregelen tegen het misbruik bekend zullen worden gemaakt. Dat is ook het meest wezenlijke voor de slachtoffers. Uit hun kringen klonk zondag teleurstelling over de slotrede van de paus. Vooral ook omdat hij toen nog geen maatregelen noemde – die kwamen pas op persconferentie.

Strijdvaardig

Voor neutrale toehoorders – voor zover die er al zijn – klonk de paus strijdvaardig, bijna ‘oorlogszuchtig’ want er zal en moet een eind komen aan het misbruiken van kinderen. Niet alleen binnen de kerk maar in de hele mondiale samenleving. En niet alleen seksueel, maar ook machtsmisbruik in andere vormen: kindsoldaten, kinderarbeid, kinderprostitutie, kinderen op de vlucht.

De paus noemde misbruik binnen de kerk extra schandalig en misdadig omdat het in contrast staat met de morele autoriteit van de kerk en haar geloofwaardigheid als het om ethische zaken gaat. ,,In de begrijpelijke woede van de slachtoffers is ook de woede van God te horen die zich verraden voelt door de daders; gewijde mensen in Zijn dienst”, aldus de paus. Hij beloofde dat er van nu af aan geen geval van misbruik meer aan de aandacht mag en zal ontsnappen. Elke aanklacht zal serieus en openlijk behandeld moeten worden. Maar hoe, is de vraag die blijft hangen.

Meer psychologen in de seminaries, zoals een deelnemer voorstelde, meer personalia-onderzoek van priesters die van het ene bisdom of van het ene land naar het andere verhuizen, meer toezicht van iedere bisschop? Want die zijn in het verloop van de misbruiktop aangewezen als de eerstverantwoordelijken voor wat er in hun diocees gebeurt.
Het succes van de conferentie kan pas in de (naaste) toekomst worden bepaald als duidelijk wordt of in alle bisdommen, parochies, kloosters en in het Vaticaan zelf rigoreus wordt opgetreden bij elk oud of nieuw geval van misbruik.

Frans Wijnands is Vaticaanwatcher voor het Goede Leven.

De realiteit houdt zich niet aan rekenmodellen

De Haagse week
Henk van der Laan

Een van de gekste trekjes in de Nederlandse politiek is wel om alle plannen, plannetjes en proefballonnen tot achter de komma te willen doorrekenen. Het voordeel van deze boekhoudersmentaliteit is dat partijen in Nederland gedwongen worden om na te denken over de haalbaarheid van plannen. Maar ramingen, doorrekeningen en koopkrachtplaatjes zijn in Nederland zo heilig verklaard dat politici helemaal in de war raken wanneer de weerbarstige realiteit zich voordoet.

Dat werd deze week pijnlijk duidelijk door al het gedoe over de energieraming door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Even kort: op Prinsjesdag meldde het kabinet dat in 2019 de energielasten niet duurder zouden worden, ondanks hogere lasten op energie. Maar in december waren er geluiden dat de energierekening dit jaar veel hoger zou zijn dan voorspeld. Staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken), die overigens ‘haar’ minister Eric Wiebes verving, deed dat in de Kamer af als bangmakerij. Afgelopen zaterdag kwam een andere rekenmeester, het Centraal Bureau voor de Statistiek, echter met de raming dat de energierekening dit jaar voor een gemiddeld huishouden 334 euro hoger uitvalt.

Kamer in rep en roer natuurlijk, want hogere kosten voor burgers liggen altijd gevoelig. Zeker als het over energie (want klimaat) gaat. En helemaal in verkiezingstijd. Wat blijkt: het PBL gebruikte oude cijfers, uit 2017, en trok die door zonder al te veel rekening te houden met de situatie in 2018.

Verandering

Nu wijst iedereen naar het PBL maar dat is flauw. Dat had bij de doorrekening gewoon gemeld dat het zich baseerde op cijfers uit 2017. En dus konden Kamerleden toen zelf wel bedenken dat er tussen september en februari best wel eens het een en andere op de energiemarkt zou kunnen veranderen. De wereld houdt niet op bij Hazeldonk en Nieuweschans en de wereld van de energie zeker niet. Er is crisis in Venezuela, Rusland laat nieuwe sancties niet over zijn kant gaan en Saudi-Arabië staat er sinds de moord op de journalist Kashoggi opeens heel gekleurd op. Allemaal wereldpolitiek rond belangrijke olie- en gaslanden, wat de prijs van de energie opstookt. En iedereen met een auto weet hoe vaak en veel de olieprijs schommelt.

Dan kan je wel in september zeggen dat de energierekening een heel jaar niet zal stijgen, maar dat is onzin. Want als het om energieprijzen gaat heb je als Nederlandse politiek meer níét in eigen hand dan wél. En theoretische modellen zijn een heel mooi hulpmiddel, maar als ze iets niet kunnen dan is het rekening houden met het effect van onverwachte gebeurtenissen.

Indicaties

Dus niet alleen had het kabinet beter moeten weten en niet zo resoluut andere geluiden moeten wegwuiven. Ook de Kamer zelf had bij de berekening van het PBL kunnen bedenken dat cijfers en rekenmodellen slechts indicaties zijn en dat energieprijzen van meer factoren afhankelijk zijn dan de besluiten die door politiek Den Haag genomen worden.

Kortom: de Kamer had zelf kunnen nadenken en had zich moeten afvragen of een hogere energiebelasting wel slim was toen daarover in september werd gestemd. Nu wijzen coalitiepartijen met een vinger naar het PBL, maar ze wijzen met vier vingers naar zichzelf.

Conflict tussen predikant en kerkenraad komt steeds meer voor

Jan Auke Brink

Idske van der Pol (65) uit Woudsend werd onlangs gekozen als voorzitter van het College voor de visitatie van de Classis Fryslân. Ze ziet een toename van conflicten in PKN-gemeenten.

Als gevolg van de nieuwe classesindeling binnen de Protestantse Kerk in Nederland gaat nu ook de visitatie op de schop: per 1 maart begint in elk van de elf classes een nieuwe classicale visitatiecommissie.

De nadruk ligt nu meer op het ontmoeten, bemoedigen en steunen. In Friesland is Idske van der Pol (65) uit Woudsend begin februari verkozen als voorzitter van de nieuwe commissie.
Het is voor haar geen onbekend terrein. Ze was namelijk ook al voorzitter van de ‘oude’ visitatiecommissie in Friesland. ,,Ik ben afgelopen juli met vervroegd emeritaat gegaan als predikant van Noardburgum, maar ik wilde me graag blijven inzetten voor de kerk. Daarom heb ik me weer beschikbaar gesteld voor deze functie. Bij conflictbemiddeling heb je te maken met zaken die mensen aan het hart gaan: als ze de moeite nemen ergens ruzie over te maken, dan vinden ze het echt belangrijk. Als visitator kom je bij mensen om ze te helpen.”

Van der Pol is nu zeven jaar visitator in Friesland, daarvoor heeft ze het zestien jaar in Groningen gedaan. De afgelopen paar jaar heeft ze de kritiek op predikanten zien toenemen. Kerkenraden die van hun predikant af willen is nu een van de belangrijkste conflicthaarden waarbij de visitatoren worden ingezet. ,,Je ziet steeds vaker dat kerkenraden en predikanten niet op een lijn zitten. Waar mensen vroeger nog wel met enig plezier over de gekkigheden van hun predikant spraken, is dat nu niet meer zo. Mensen zijn veel kritischer, het gezag van het ambt is gedaald.”

Dragen

Met een dooddoener kun je zeggen dat vroeger het ambt de predikant droeg en nu de predikant het ambt moet dragen, concludeert Van der Pol. ,,Het gevolg is dat veel minder wordt geaccepteerd van de predikant. In mijn zestien jaar in Groningen heb ik zo’n conflict vier keer meegemaakt, in mijn zeven Friese jaren al zeker tien keer. En het is niet zo dat het iets typisch Fries is: in heel Nederland zien we deze tendens.”

Een tweede belangrijke conflicthaard in gemeenten heeft te maken met kerksluitingen die voortkomen uit krimp. ,,Dat doet altijd pijn: mensen zijn gehecht aan het gebouw waar ze altijd gekerkt hebben, en als er dan tussen twee kerkgebouwen gekozen moet worden, spelen de emoties op.”

De visitatie binnen de Protestantse Kerk werkte altijd zo: als er binnen gemeenten conflicten ontstonden werd een visitator ingevlogen om de mensen weer met elkaar in gesprek te brengen. Daarnaast kreeg iedere gemeente elke vier jaar een bezoek van de visitatoren, om door te spreken ‘hoe het ging in de gemeente’.

Die laatste opdracht is nu bij de classispredikant gelegd, in Friesland is dat Wim Beekman. De nieuwe classicale visitatiecommissie blijft bemiddelen bij conflicten, maar heeft als extra opdracht meegekregen om gemeenten met elkaar in contact te brengen. Het visitatieteam bestond uit zo’n dertig vrijwilligers, de nieuwe commissie telt elf leden.

Dankbaar

Conflictbemiddeling kan volgens Van der Pol dankbaar werk zijn: de visitator probeert de partijen met elkaar in gesprek te brengen en adviseert over een mogelijke oplossing. Het is aan de kerkenraad om dat advies al dan niet over te nemen. ,,Wij kunnen niemand dwingen om te doen wat we zeggen. Alleen de kerkenraad en de classis zijn organen met echte macht. Er is wel over gesproken om de nieuwe visitatiecommissies van de Protestantse Kerk ook doorzettingsmacht te geven, maar er is toch voor gekozen het bij adviesrecht te houden. Het is wel goed op deze manier, denk ik: als je kunt bemiddelen én afstraffen, verandert toch je rol.”

Omdat de vierjaarlijkse visitatiebezoekjes nu bij de classispredikant zijn belegd, heeft de nieuwe commissie de opdracht gekregen onderling contact tussen gemeenten te stimuleren. ,,Die visitaties werden gedaan door visitatoren die uit andere gemeenten kwamen. Zo keek je bij elkaar in de keuken en deed je nieuwe ideeën op. Dat verdwijnt in de nieuwe structuur. Daarnaast waren er eerder zeven classes in Friesland, waar gemeenteleden elkaar spraken. Doordat er nu maar één grotere classis is, zijn er minder ontmoetingsmomenten.”

De visitatiecommissie moet het ontmoeten, steunen en bemoedigen tussen gemeenten onderling gaan stimuleren.,, Hoe we dat precies gaan doen moeten we nog uitvinden, sommige gemeenten zien al heel actief naar elkaar om, misschien kunnen we van hen leren. En onze elf commissieleden worden nu allemaal bijgeschoold, zodat we straks specialistischer te werk kunnen gaan.”