Het goede leven
donderdag 18 oktober 10:31
Het is een trend aan het worden in Nederland. Politici en bestuurders in Den Haag doen steeds vaker en vrijmoediger uitspraken over lopende rechtzaken. Het jongste voorbeeld hiervan is staatssecretaris Fred Teeven van Justitie die naar aanleiding van de dood van een inbreker in een kranteninterview zei dat dit een ,,inbrekersrisico” is.

In de meeste moderne democratische rechtstaten is er een meer of minder strenge scheiding van de machten. Foto: ANP
Hij zei dat niet als privépersoon, maar als bewindsman van Justitie. Teeven weigert deze opmerking in te trekken, met als argument dat hij niet over een specifieke zaak heeft gesproken. Dat mag dan formeel juist zijn, maar iedereen kon tussen de regels doorlezen dat er werd gehint op een geval in het Brabantse Diessen waar kort ervoor een inbreker om het leven kwam na een worsteling met bewoners.
Dader
Een andere trend is dat veel politici iedereen die voor de rechter staat in publieke uitspraken ‘dader’ noemen, terwijl het feit of iemand wel of niet een dader is juist door de rechtbank moet worden vastgesteld. Verschillende rechters, zelfs de president van de Hoge Raad heeft erop gewezen dat de rechtbank hierdoor in een bepaalde richting dreigt te worden gestuurd.
Het is voor grote groepen burgers onbegrijpelijk dat een rechter een ‘dader’ vrijspreekt, ook al is daar nog zoveel reden toe. Politici helpen door hun uitspraken mee aan de afkalving van het gezag van de rechtspraak, terwijl ze rechters, die de waakhonden zijn van de rechtstaat, juist zouden moeten steunen.
In de meeste moderne democratische rechtstaten is er een meer of minder strenge scheiding van de machten. Dat houdt in dat volksvertegenwoordigers, bestuurders en rechters in principe niet op elkaars stoel gaan zitten en zich onthouden van oordelen over elkaars beslissingen dan wel vonnissen. De scheiding van de machten is een rechtstatelijk principe dat al enkele eeuwen oud is en dat meehelpt dictatuur en staatswillekeur te voorkomen.
Verabsoluteren
Eerder is op deze plaats al erop gewezen dat politici - trouwens niet alleen in Nederland - steeds meer neigen naar het verabsoluteren van de democratie, waarbij de wil van de politieke meerderheid allesbepalend wordt. Gezaghebbende instituten, zoals rechters, die zich op basis van de grondwet onttrekken aan de controle van de wil van de meerderheid worden steeds vaker als lastig beschouwd. De toenemende bemoeizucht van politici en bestuurders met de rechterlijke macht kan worden gezien als een uitvloeisel van het op het schild tillen van de volkswil.
Er kan overigens nog veel worden verbeterd aan de Nederlandse rechtspraak. In sommige zaken zijn grove fouten gemaakt. Vaak hebben die niet met het functioneren van rechters te maken maar met gebrekkig onderzoek van politie en justitie.
Ook zou het goed zijn als er meer aandacht zou komen voor de slachtoffers van misdrijven, zoals advocaat Richard Korver in zijn dezer dagen verschenen boek Recht van spreken bepleit. De scheiding van de machten gaat niet zo ver dat dat politici zich niet mogen uitlaten over dit soort zaken die niet het principe van de vrije rechtspraak raken maar de uitvoering ervan.
Een goede discussie over de kwaliteit en de inrichting van de Nederlandse rechtspraak hoort thuis in de Tweede Kamer. Maar als politici en bestuurders zich gaan uitlaten over vonnissen en zelfs bij lopende zaken op de rechterstoel gaan zitten, dan gaan ze een brug te ver.