Het goede leven
maandag 15 oktober 10:06
De toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan Europa roept verschillende reacties op. De een kan maar moeilijk begrijpen dat die toekenning echt waar is en vraagt zich af wie de prijs moet komen ophalen. De ander ziet in de toekenning een waardering voor de tientallen jaren vrede die in Europa heeft geheerst, dankzij Europa.

Onder bevolkingen van Europese landen heerst scepsis ten opzichte van het machtscentrum van Europa, Brussel. Foto: EPA
Het motief van het Comité om de prijs aan Europa te geven gaat over de ruim zestig jaar durende bijdrage aan de bevordering van vrede en verzoening, democratie en mensenrechten in Europa. Op het oog geeft deze motivatie een goed oordeel over de Europese geschiedenis van de afgelopen decennia. Europa heeft veel bereikt, zowel intern als in de wereld. Dat geldt in allerlei opzichten.
Leden van de Europese gemeenschap hebben veel werk gedaan om elders in de wereld vrede te brengen. Ook al ging dat vaak in NAVO-verband, het zijn Europese landen die aan vredesmissies hebben meegedaan. In (handels)contacten hebben Europese landen er mede voor gezorgd dat mensenrechten op de agenda kwamen te staan. Zo is er nog een heel aantal elementen te noemen waarin Europa een positieve rol heeft gespeeld.
Spanning
Tegelijkertijd komen de vragen. Het tijdstip waarop de prijs wordt toegekend valt niet bepaald in een bloeiperiode van Europa. De spanningen tussen Noord en Zuid in Europa zijn groot, ingegeven door de financiële crisis.
Onder bevolkingen van Europese landen heerst scepsis ten opzichte van het machtscentrum van Europa, Brussel. Er is onvrede over de open grenzen binnen Europa. Het vrije verkeer van personen roept spanningen op, in economisch en maatschappelijk opzicht.
Over de toekomst van Europa wordt zeer divers gedacht. De crisis laat zien hoe verschillende de culturen en politieke praktijken zijn tussen landen van die ene gemeenschap.
De kwaliteit van die gemeenschap wordt ernstig op de proef gesteld nu een deel van de landen dringend financiële steun nodig heeft. Landen als Duitsland en Nederland hebben miljarden verdiend aan, bijvoorbeeld Griekenland, maar de bereidheid om een partner die in nood is - door eigen schuld, ja zeker - te helpen, wordt er niet groter op.
Beslissende momenten
En er is ook de geschiedenis van wat Europa níet heeft gedaan. Denk aan de rampen die zich hebben afgespeeld in de achtertuin van Europa. Kosovo, bijvoorbeeld. Of Srebrenica.
Zeker, de brandhaarden bevonden zich niet in het Europa van de afspraken in Brussel. Maar historisch en moreel is Europa in de rol die het Comité het continent toedicht groter dan de grenzen die in Brussel worden getrokken. En Europa heeft op beslissende momenten niet in gegrepen.
Misschien is de prijs van het Comité onbedoeld vooral te waarderen als appel op Europa om haast te maken met échte eenheid. Die moet niet zo zeer blijken in uniformering van het dagelijks leven - dat is een achterhaalde vorm van eenheid - maar in de bereidheid tot een gemeenschappelijke Europese houding, bijvoorbeeld ten aanzien van buitenlands beleid; het redden van de euro en de opbouw van Europa als waardengemeenschap, anders dan economisch.
Europa bevindt zich in een moeilijke fase. Dat maakt het lastig om zonder scepsis naar de prijs te kijken.