Ontwikkelingsorganisatie Tear Nederland gaat aan de slag met een compleet nieuw programma: Inspired Individuals. Het is voortaan niet meer de organisatie die de doelen formuleert, maar een ‘inspirerend mens’ ter plaatse. Een krachtige nieuwe aanpak. En tegelijkertijd een oefening in nederigheid.
Ontwikkelingshulp zou er minder van kunnen uitgaan dat iedereen op onze plannen zit te wachten, en meer aansluiten bij bestaande initiatieven, zegt Gary Swart: ,,Als we met een andere bril kijken naar ontwikkelings-gebieden, zien we opeens overal mensen opduiken die allang in beweging zijn.” Foto: Tjerk de Reus
Ontwikkelingswerk moet respectvol zijn, zoveel hebben we wel geleerd in de afgelopen decennia. Een hautaine houding tegenover de zogenoemde Derde Wereld is uit den boze. Dat beseft ook Tear Nederland. Maar hoe respectvol ontwikkelingswerkers proberen te zijn, ze worstelen met een bijna onuitroeibare denkfout die steeds als een boemerang terugkeert: vanuit een al te superieure visie de mensen ter plaatse aansturen.
Tearfund
Tear Nederland werkt daarom graag samen met
Tearfund uit Groot-Brittannië aan een gloednieuw programma: Inspired Individuals. Gary Swart uit Engeland is bedenker en manager van deze innovatieve insteek. Vanaf 2008 is er al op beperkte schaal mee gewerkt en geëxperimenteerd, nu staan verdere uitbouw en uitwerking op het programma.
,,Ik voelde al heel lang dat er een missing link was in onze kijk op ontwikkelingswerk,” zegt Gary, die op een van de spaarzame zomerse julidagen te gast is in het hoofdkantoor van Tear Nederland, gevestigd in Zeist.
,,Het gaat vaak zo: we bedenken vanuit onze kantoren de beste ontwikkelingsprogramma’s, met een open oog voor de plaatselijke vraag. We stellen doelen vast, zoeken mensen uit die ons plan uitvoeren en locale gemeenschappen die het werk ondersteunen. Maar het is en blijft óns plan en het draait op onze voorwaarden. Het nieuwe programma keert de zaken om.”
Allang bezig
Deze analyse klinkt zelfkritisch, maar daarmee wil Swart niet meteen zeggen dat er een revolutie nodig is in het ontwikkelingswerk en dat de traditionele aanpak van Tear – en andere ontwikkelingsorganisaties - waardeloos zou zijn: ,,We willen met goed doordachte plannen en doelstellingen maar al te graag dienstbaar zijn aan de mensen in ontwikkelingslanden. Dat geven we niet op.
Dienstbaarheid en naastenliefde zijn leidende principes voor ons. Nieuw is het inzicht dat we met onze plannen te snel voorbij gaan aan initiatieven van mensen ter plaatste, die zélf al bezig zijn om het verschil te maken met inspirerende ideeën.”
Swart ziet er ook wel de humor van in - heilzame humor: ,,Dit is het verrassende van het Koninkrijk van God: jij denkt dat God jou nodig heeft en op jouw plannen zit te wachten. Ondertussen is Hij allang bezig om mensen in beweging te zetten.
Als we met een andere bril kijken naar ontwikkelingsgebieden, zien we deze mensen opeens overal opduiken. In ons Inspired Individuals-programma sluiten we aan bij wat zij, geïnspireerd door de Geest van God, ondernemen tot welzijn van hun medemens.”
Ondernemersbloed
Swart werkte zelf als waterbouwku.ndig ingenieur in Afrika en kent het ontwikkelingswerk door en door. Jarenlang besefte hij: er is een missing link. Die lijkt nu gevonden. Dat betekent wel iets voor Tear, want de focus lag altijd bij gemeenschappen als kerken en lokale groepen.
,,Een ware paradigma-shift,” erkent Swart, die het nieuwe principe meteen Bijbels ijkt: ,,Het is een evangelisch principe om met iemand op te trekken, een stuk mee te wandelen. Niet als meester en leerling, maar in wederkerigheid en vriendschap. Samen optrekken is geen eenrichtingsverhaal, het is over en weer. Leren van elkaar, steun geven die de ander echt nodig heeft in zijn of haar specifieke situatie. Het is een oefening in nederigheid.”
Bij Inspired Individuals gaat het niet simpelweg om mensen met een goed idee. Er moet méér zijn, legt Swart uit: ,,Geïnspireerde mensen die tot nu toe niets gedaan hebben met hun mooie idee – dat zou vreemd zijn. Wie echt ondernemersbloed in zich heeft, is allang aan de slag gegaan!
Tevens moet duidelijk zijn dat de persoon in kwestie een scherp inzicht heeft in de problematiek. Bovendien moet de persoon in staat zijn om anderen te inspireren en dus te mobiliseren, zodat het heilzame effect van zijn of haar inspiratie als een olievlek om zich heen grijpt.”
Stipendium
Als eenmaal een dergelijke veelbelovende persoon in beeld is, biedt Tear ondersteuning aan. Zo ontvangt iemand die benoemd is als inspired individual een financiële toelage, een stipendium. Tear bepaalt niet wat er met dat geld moet gebeuren, dat bepaalt de persoon in kwestie zelf. Bovendien vindt Tear dat dit geld helemaal niet het belangrijkst is, het gaat eerder om de ‘duurzaamheid’ van de persoon.
Daarin wordt stevig geïnvesteerd, zegt Swart: ,,Het individu staat centraal, niet onze plannen en ook niet het geld. We hebben gemerkt dat dit een enorm verschil maakt. Mensen voelen zich serieus genomen, ze zijn gezien en erkend in hun passie.
Tegelijk is zonneklaar dat over de effectiviteit van dit nieuwe type ontwikkelingswerk wel een paar positieve dingen te melden zijn. Wanneer iemand zelf een sociale problematiek – marteling, geweldpleging, gebrek aan gezondheidszorg – aan den lijve heeft ervaren, is er vaak praktische en zinvolle kijk ontstaan op mogelijkheden tot verbetering. Die is vanbinnen uit gegroeid.”
Sociaal kapitaal
Bij de investering van Tear draait het dus vooral om sociaal kapitaal. In Nederland kennen we het belang hiervan, maar in ontwikkelingslanden is dit nog een onontgonnen gebied, waar dus wist te behalen valt. Swart: ,,Wij zijn ons sterk bewust van het belang om de juiste mensen in je netwerk te hebben en om te investeren in persoonlijke ontwikkeling en training.
Omdat voor Inspired Individuals uit de zuidelijke landen die investering minder vanzelf spreekt, kunnen wij hier iets bieden. We willen de waarde van ondersteuning, training en netwerken ontsluiten voor deze mensen, om hen te bekrachtigen in het uitwerken en doorgeven van hun visie.”
Leiderschap
Tear gaat niet over één nacht ijs. Het inspirerende idee moet wel wat voorstellen en de persoon ook. Elke kandidaat voor het Inspired Individuals-programma wordt zorgvuldig gescreend. Is iemand eenmaal aangenomen, dan volgen gesprekken over tal van persoonlijke aspecten: de relaties die zo’n persoon heeft met de kerken en met de lokale overheid. En de vraag welke vaardigheden sterk of juist zwak zijn ontwikkeld.
Leiderschap is een cruciaal onderdeel van deze gesprekken, omdat van het geïnspireerde individu verwacht wordt om ook anderen te inspireren en effectief op te treden. ,,Deze gesprekken zijn bedoeld om mensen te bekrachtigen,” zegt Swart. ,,Niet zo van: jij moet deze cursus volgen of nog ergens stage doen. In een setting van gelijkwaardigheid bespreken we de mogelijkheden van deze persoon om verder te groeien, waar nodig en wenselijk.”
Dadendrang
Leiderschap is een natuurlijke eigenschap, die ook bijgeschaafd moet worden. Dat blijkt ook hier. Veel inspired individuals hebben een sterke dadendrang en dat kan een valkuil zijn, weet Swart.
,,Die drive is prachtig en daar bouwen op verder. Tegelijk is dit een kernthema in onze bezinning met hen over leiderschap. Want je kracht vaak ook altijd je zwakte. Het eigen idee is vaak zó verweven met de persoonlijke geschiedenis en ligt je zo na aan het hart, dat het lastig te objectiveren valt.
Het founders-syndrome speelt hierbij een duidelijke rol: men zit soms erg vast aan het idee zoals het aanvankelijk werd geboren. Maar je kunt daar niet altijd aan vasthouden in díé vorm; soms is aanpassing wenselijk. Dat kan lastig zijn, juist vanwege de sterke overtuiging en motivatie van deze mensen.”
Kritiek op individualisme
In de westerse wereld is leiderschap al langere tijd een thema. Er bestaat een rijke traditie aan theorieën en praktijken. In zuidelijke landen speelt dit thema en de bijbehorende manier van denken een beduidend minder grote rol. Het nieuwe programma van Tear is een mooie gelegenheid om wijsheid en inzicht te delen. Maar rijdt het treintje der wijsheid ook de andere kant op? Kunnen westerlingen op dit vlak ook leren van mensen in ontwikkelingslanden?
Swart denkt even voordat hij op deze vraag ingaat. Hoewel hij zich intensief bezighoudt met de dialoog met mensen uit ontwikkelingsgebieden, is hij niet bewust bezig met de vraag of westerse leiderschapsideeën verrijkt kunnen worden met ‘de wijsheid uit het zuiden’.
Maar die invloed is er wel degelijk, al bestaat die alleen maar uit het opdoen van een bredere blik en het relativeren van het eigen perspectief. ,,Onze kijk op leiderschap is vaak sterk lineair, terwijl het in ontwikkelingslanden eerder circulair is.”
Formele structuur
Om uit te leggen hoe hij dit bedoelt, wijst hij op de formele, onpersoonlijke structuur die onder onze leiderschapsideeën ligt. ,,Wij formuleren in een organisatie doelstellingen en verantwoordelijkheden. We stellen een organogram op en vullen dat in. De personen die posten in de organisatie bezetten, moeten functioneren volgens de geldende criteria. Dat vraagt van hen een hoge mate van objectiviteit en het tegengaan van belangenverstrengeling.”
In ontwikkelingslanden speelt een dergelijk formalisme niet, zegt Swart. ,,Van meet af aan speelt de community mee. Het is volstrekt normaal dat je familieleden benoemt op belangrijke posten in je organisatie.
Wij zeggen dan al snel: ‘Hé, pas op voor nepotisme en vriendjespolitiek!’ Maar zo ervaart men dat helemaal niet. Het is voor hen vaak logisch om de familiaire loyaliteiten mee te wegen in beslissingen. Een organisatie is veel sterker ingebed in de natuurlijke context van de gemeenschap.”
Waarheidsmoment
Leerzaam voor westerlingen of juist een gevaar dat bestreden moet worden? ,,Het is niet fout of goed, het is gewoonweg een andere manier van denken,” vindt Swart. ,,Er schuilt toch ook een sterk waarheidsmoment in: wat ik doe ik mijn organisatie is altijd verbonden met de gemeenschap. Dat verliezen wij wel eens uit het oog, met onze door-georganiseerde aanpak. Want een organisatie heeft effect op de gemeenschap en de omgeving.
In die zin er is steeds een onverbrekelijke band. In ontwikkelingslanden zie je dat de familie, de kerk en het dorp geen losstaande compartimenten zijn. Ze zijn allemaal verbonden in de context van de bredere samenleving. Ja, dat mag je wel een eye-opener noemen: leerzaam voor ons westerlingen. Noem het gerust een kritiek op ons individualisme.”