Het goede leven
donderdag 26 juli 10:15
Het leek zo mooi. Vijf kilometer schaatsen tussen het riet in de polder, ook al is het een paar graden boven nul. Bij Biddinghuizen was de ruimte er.

Bij de terugkeer van André Kuipers uit de ruimte was er bewondering voor zijn fysieke en mentale prestatie. Maar er zat meer aan de landsbrede euforie. Foto: EPA
De initiatiefnemers van de mega-kunstijsbaan zullen bij die locatie ook hebben gedacht aan de potentiële klantenkring uit de Elfstedenprovincie. Die zouden dat eindeloze bochtjesdraaien op Thialf toch ook een keer zat moeten zijn.
Vierenhalf jaar later is de schade groot. FlevOnice is failliet, met zeker 4,7 miljoen euro schuld. Om het terrein staan hekken, en binnen die hekken blijkt nu ook de bodem nog eens ernstig vervuild te zijn met de koelvloeistof glycol. Naar schatting is 150.000 liter daarvan in de bodem terechtgekomen. Afgezet tegen de 400.000 liter die in het totale leidingstelsel paste is dat geen ongelukje meer te noemen.
Het faillissement wijt het bedrijf aan een gebrek aan belangstelling. De prachtige schaatswinter van begin dit jaar gaf het noodlijdende FlevOnice het laatste zetje. De natuur versloeg de imitatie.
Namaakberg
Bij het debacle in de polder dringt zich onmiddellijk ook het vorig jaar geopperde plannetje voor een namaakberg weer op. Waarom naar de Alpen trekken om te fietsen of te skiën als we de technische mogelijkheden hebben om zelf een berg van twee kilometer hoog in de polder aan te leggen? Het leidde tot internationale berichtgeving en bracht voor- en tegenstanders in rep en roer.
In het traditionele twintigste-eeuwse perspectief zijn een kunstijsbaan van vijf kilometer en een imitiatie-Alp tekenen van vooruitgang. Technologische hoogstandjes, bedoeld om te imponeren, om een behoefte te bevredigen naar groter en meer, om te bewijzen dat niets meer onmogelijk is voor de mens.
Hoe hardnekkig dat vooruitgangsdenken is bleek bij de terugkeer van André Kuipers uit de ruimte. De bewondering voor zijn fysieke en mentale prestatie is terecht. Maar er zat meer aan de landsbrede euforie. Een gevoel van importantie: ‘Ook Nederland draagt bij aan het grensverleggende onderzoek buiten de dampkring van de aarde.’
Welk wetenschappelijk inzicht nou precies dankzij Kuipers is gegroeid vinden we eigenlijk niet zo belangrijk. Veel belangrijker is de bevestiging dat we als land ook meetellen in de prestigestrijd tussen de sterren. Voor kritische vragen over de kosten van ruimtevaart of het groeiende probleem van ruimteschroot dat rond de aarde cirkelt is dan even geen ruimte.
Moderne denken
Gelukkig wint het moderne denken over het omgaan met onze aarde, onze ruimte, onze middelen, terrein. Westerse burgers, bedrijven en overheden kunnen niet meer volhouden dat ze het recht hebben om door te gaan met het leven op te grote voet. Het Wereldnatuurfonds wees er in het Living Planet Report 2012 onlangs weer op dat als elke wereldburger het verbruik van een Nederlander had, we drieënhalve aarde nodig hebben om aan die behoeften te voldoen.
Er is een maat aan onze omgang met de natuur. Een maat aan wat wij als mens kunnen en mogen, een maat aan wat wij als mensheid doen. Het is niet zo moeilijk om vast te stellen dat het aanleggen van een kunstijsbaan die de sensatie van het schaatsen in de vrije natuur moet oproepen buiten die maat valt. Veel mensen hebben dat allang begrepen, zo bleek afgelopen winter wel. Zij schaatsen als het vriest. En dromen ervan als het dooit.