Het goede leven > Samenleving > Columns > Een kruis van goud
Paul Schenderling
Een kruis van goud
dinsdag 25 september 10:45
De Zuid-Europeanen hebben zwaar te lijden onder de barre economische omstandigheden. In Spanje is de werkloosheid 25 procent, de jeugdwerkloosheid zelfs 52 procent.

Eind negentiende eeuw was de waarde van de Amerikaanse dollar gekoppeld aan de goudvoorraad. De groei ervan bleef echter achter bij de economische groei, waardoor Amerika terechtkwam in een neerwaartse spiraal. Foto: ANP
Normaliter zijn er twee uitwegen uit een structurele crisis: ofwel jarenlang wachten tot loondalingen en deflatie het land weer concurrerend maken, ofwel eenmalig de waarde van de munt verminderen. Gezien de catastrofale vernietiging van kapitaal en menskracht waarmee de eerste uitweg gepaard gaat, verdient de tweede uitweg de voorkeur. Ware het niet dat devaluatie onmogelijk is vanwege de gemeenschappelijke munt, de euro.
Het is in de geschiedenis vaker voorgekomen dat volken onnodig lijden onder de hardheid van hun munt. Eind negentiende eeuw was de waarde van de Amerikaanse dollar gekoppeld aan de goudvoorraad. De groei van de goudvoorraad bleef echter achter bij de economische groei, waardoor Amerika terechtkwam in een neerwaartse spiraal.
Sommige politici wilden koste wat het kost vasthouden aan de goudstandaard, anderen pleitten voor een waardevermindering van de munt door een gecombineerde goud- én zilverstandaard in te voeren. Tijdens de Democratische Conventie van 1896 riep William Jennings Bryan de president toe: ,,U mag de mensheid niet kruisigen op een kruis van goud!”
Goudkoppeling
Hebben latere regeringsleiders hiervan geleerd? Helaas niet. Zoals oudere lezers zich wellicht kunnen herinneren, beging de Nederlandse premier Hendrik Colijn in de jaren dertig dezelfde fout. Hij weigerde de goudkoppeling los te laten, waardoor de werkloosheid jarenlang op 25 procent bleef hangen.
Econoom John Maynard Keynes duidde het probleem met de volgende metafoor: politici hebben de neiging om de munt als dictator aan te stellen, terwijl de munt idealiter een constitutioneel monarch is. Eenvoudig gezegd: geld moet dienstbaar zijn aan de economie, nooit andersom.
Veel hangt dus af van de wijsheid van de huidige politici. Willen zij rücksichtslos vasthouden aan de euro? Dan wacht de Zuid-Europeanen een verschrikkelijke tijd. Of regelen zij een ordelijk vertrek van Zuid-Europese landen uit de euro? Dan kan de schade beperkt worden. De tijd zal het leren.