Het goede leven > Samenleving > Columns > De antithese ging, Buma komt
Sytze Faber
De antithese ging, Buma komt
Na de Tweede Wereldoorlog Nebben we vijftien premiers gehad. Eén VVD’er (Rutte), vier PvdA’ers, maar liefst tien christendemocraten.

De Purmerendse wethouder Mona Keijzer is de ster onder de nieuwe gezichten van het CDA. Foto ANP
Het illustreert de dominante positie van de christendemocratie. Dat wil zeggen: tot 2010. Toen droegen de kiezers de antithese van de gereformeerde voorman Abraham Kuyper (1837-1920) ten grave. Dat is hét keerpunt geweest in de Nederlandse politiek.
Elders draaide het om de tegenstelling tussen kapitaal en arbeid. Liberalen en socialisten waren de natuurlijke tegenpolen. Niet in Nederland. Dankzij Kuyper. Hij was de uitvinder van een andere tegenstelling: die tussen christenen en niet-christenen. De zogenaamde antithese.
Verzuiling
Daarmee legde hij het fundament voor de voor ons land typerende verzuiling. Die vormde de machtsbasis voor de confessionele politiek. Nederland werd een politiek driestromenland, waarbij het centrum een eeuwlang beheerst werd door de christendemocraten. Met als gevolg dat links nooit een meerderheid haalde en er op rechts geen conservatieve partij van de grond kwam.
In 2010 was het gedaan met de koopman. De drie (min of meer) christelijke partijen haalden toen slechts 28 Kamerzetels. Dan kan niet meer met goed fatsoen worden vol gehouden dat alles in het teken staat van de tegenstelling tussen christenen en niet-christenen. Antithese exit. Definitieve versplintering van het driestromenland.
Centrumpositie
Zullen de christendemocraten, nu zij een minderheid zijn geworden, vasthouden aan de traditionele centrumpositie? De eerste testcase was de formatie in 2010. Toen schuwden Bleker, Donner en Verhagen - met Buma als meesterknecht - geen middel om de gedoogconstructie er door te drukken.
Dat was een keuze voor het rechtse kamp. Het CDA in sociaal opzicht als een verlengstuk van de VVD en op het gebied van integratie en immigratie waterdrager van de PVV. Een breuk met het verleden. Daar lag de oorzaak van de toen hoog oplopende emoties.
Mona Keijzer
Het staat nog te bezien of in de aanstaande verkiezingscampagne Buma zijn keuze voor de gedoogconstructie zal worden nagedragen. Hij oogt evenwichtig. Lacht aanstekelijk. En zeker zij die gruwen van politieke platheid zullen het een pre vinden dat er enkele eeuwen beschaving over hem zijn heengegaan.
Behalve deze persoonlijke aspecten is het van grote betekenis dat er veel nieuwe gezichten in het CDA gaan opduiken. Dat relativeert de zondeval van 2010.
Van de tien bewindspersonen zal hooguit een enkeling zich kandideren voor het Kamerlidmaatschap. Bovendien hebben al zes Kamerleden laten weten niet beschikbaar te zijn voor een nieuwe termijn. Ruimte dus voor nieuwkomers.
De ster onder hen is de Purmerendse wethouder Mona Keijzer. Haar flitsstart doet denken aan Sarah Palin, die vier jaar geleden als gouverneur uit het afgelegen Alaska plotsklaps werd gebombardeerd tot Republikeinse kandidaat voor het Amerikaanse vicepresidentschap.
Bij ongunstig electoraal tij is een verrassende vrouwelijke nieuwkomer uiterst welkom. Buma heeft meteen verklaard dat Keijzer erg hoog op de kandidatenlijst moet worden gezet. Daarmee sluit hij aan bij de sterke behoefte aan vernieuwing. Ook is het verstandig dat hij na 12 september fractievoorzitter wil blijven en dus niet opteert voor het regeringspluche.
Hervormde jongen
Bij de graflegging van de antithese blies Balkenende met zijn VUkabinet (2007-2010), waarvan meer dan een kwart van de bewindspersonen geestelijke nazaten van Kuyper waren, de Last Post.
Buma afficheert zich graag als ‘een hervormde jongen’. Hervormden van zijn type hadden het nooit zo op de leerstellige Kuyper en zeker niet op zijn antithese.
A propos, van die tien naoorlogse christendemocratische premiers waren er zeven katholiek, drie gereformeerd en nul hervormd. Het illustreert de nederige positie van de hervormden. Nu is er dan Buma.