Gea Gort
dinsdag 25 september 11:45
Als geestelijk verzorger ben je reisgenoot en vroedvrouw, zo omschrijft pastor Margriet van der Kooi haar vak. Ze is volgende maand een van de sprekers op het congres ‘Geloof in zorg!’.
Margriet van der Kooi: ,,Jezus humaniseerde de zieken in plaats van hen te demoniseren.’’ Foto: Gea Gort
We ontmoeten elkaar in het restaurant van het Zuwe Hofpoort Ziekenhuis in Woerden. Als je hier zit en rondkijkt, krijg je bijna het idee dat je op luchthaven Schiphol bent. In de moderne, lichte ruimte lopen mensen af en aan langs de winkels en de informatiebalie; de een onzeker en zoekend, de ander doelgericht.
De associatie met Schiphol is slechts oppervlakkig. In de winkeletalages liggen medisch-gerelateerde artikelen en de mensen die hier komen hebben daar veelal niet voor gekozen. Margriet van der Kooi heeft alleen al daarom bezwaren tegen het woord ‘cliënt’ voor patiënten. Want dat woord doet volgens haar geen recht aan alles waar je doorheen gaat als je ziek bent.
,,De mensen die hier komen zijn geen klanten’’, zegt ze met verontwaardiging in haar stem. ,,Ze zeggen niet: ‘Dit is geen goed product, ik ga naar een andere winkel’. De autonomie en mondigheid van mensen verdampt hier bijna, want het is altijd schrikken als je geconfronteerd wordt met ziekte en dood. Het zijn heftige momenten in mensenlevens. De meesten voelen zich afhankelijk van de dokter en de therapie. Ze voelen zich kwetsbaar.’’
Reisgenoot
In die kwetsbare periode in mensenlevens gaat het er als betrokkene van de zieke om dat je beschikbaar en dichtbij bent, als een reisgenoot tijdens een onzekere ziekte-reis. ,,Een reisgenoot is iemand die met je oploopt. Je bent geen gids die de weg weet en roept ‘hier moet je zijn’. Je bent niet al door de volgende bocht heen, maar je blijft ook niet in de berm hangen.”
Met ‘in de berm blijven hangen’ bedoelt ze het niet onder ogen (willen of durven) zien van de realiteit van de patiënt. ,,Ik zag het pasgeleden gebeuren. Dochters zaten rond het bed van hun moeder. De moeder had net gehoord dat ze nog slechts een paar maanden te leven had. Een van de dochters reageerde: ‘Mam, kom op! Volgend jaar boeken we gewoon weer een reisje naar Spanje.’
We hebben zo gauw de neiging om achter te blijven. Het is te groot; we lopen liever niet mee, want het vraagt moed om de verschrikkelijkheid van het leven onder ogen te zien.’’
Humaniseren
Jezus is het grote voorbeeld voor Margriet van der Kooi. Ze wijst op de omwenteling in de geschiedenis die Hij teweeg bracht in onze omgang met ziekte - niet zozeer omdat Hij zieken genas - maar door Zijn omgang met hen.
In een tijd waarin zieken werden geïsoleerd van de gemeenschap kwam Jezus dichtbij. Hij keek zieken aan en Hij raakte hen aan. ,,Jezus humaniseerde de zieken in plaats van hen te demoniseren. Daar profiteren wij geweldig van; we realiseren ons vaak niet wat een geweldige betekenis dit heeft gehad op de medische ontwikkeling in ons deel van de wereld.’’
,,Het heeft nog steeds een heidense bekoring om ziekte te willen isoleren’’, is haar ervaring. ,,We zijn bang. Ik ook. We ontlopen ziekte en dood liever. Een vrouw die kanker had, vertelde me: ‘Het lijkt wel of ik melaats ben, mensen uit mijn dorp nemen een ander gangpad in de supermarkt’.’’
Onfatsoenlijke dogmatiek
Onze angst voor ziekte en dood kan ook leiden tot een onfatsoenlijke dogmatiek, volgens de ziekenhuispastor en theologe. Ze heeft haar bedenkingen bij een aantal leringen rond gebedsgenezing: ,,We redeneren bijvoorbeeld dat iemand ziek is vanwege voorouders die gezondigd hebben. Zo hoorde ik een gebedsgenezer vijftig redenen opsommen waarom mensen ziek zouden worden.
Ik heb met diegene gepraat en gezegd: ‘Dat kan niet. Je speelt in op angst en behoefte aan controle.’ Wij mensen willen controle hebben; we willen weten hoe het zit, greep op het leven hebben en ziekte oplossen.’’
Overgave
Ze ziet daarentegen het belang van overgave, vertrouwen en troost. Ze vindt veel inspiratie in de kerkleer van vorige eeuwen: ,,Bij het opstellen van de
Heidelbergse Catechismus was het criterium ‘hoe troosten we mensen?’ De opstellers kwamen tot de conclusie dat de enige hoop in leven en sterven is dat wij naar ziel en lichaam eigendom zijn van Christus. Dat is zo humaan. Het geeft troost en hoop.
Als ik met zieken oploop, hoef ik de antwoorden niet te hebben, maar ik kan hen wel vertellen dat mijn hulp van God komt. Geen God die ‘iets’ is of een ‘goed gevoel’, maar een God die hemel en aarde gemaakt heeft. Psalm 121 leert dat ik als tegen een berg op kan zien tegen wat op me af komt, maar dat mijn God er voor zorgt dat de zon mij niet zal steken. Hij zal mij bewaren voor alle kwaad.’’
Ooghoogte
Zoals Jezus dichtbij kwam, kunnen wij ook dichterbij komen door kleine handelingen. Bijvoorbeeld in plaats van blijven staan aan de voet van het ziekenhuisbed, een kruk pakken en naast de zieke gaan zitten.
,,Pasgeleden vertelde een patiënt: ‘De chirurg had tijd voor mij! Dat gaf me zo’n rust.’ Het bleek dat de chirurg slechts zeven minuten bij haar was geweest, maar hij had de kruk gepakt en op ooghoogte met haar gesproken. Dat communiceert zoveel. Het waren maar een paar minuten; ‘geen tijd’ is dus geen excuus voor ons.’’
,,God is al bezig in een mensenleven voordat ik de kamer binnenkom’’, vervolgt Van der Kooi. ,,Dat geeft rust, want we worden zo gauw doenerig.’’ Ze vergelijkt haar rol als pastor met die van vroedvrouw. Dit vraagt een actief luisteren naar wat mensen proberen te zeggen en daarbij zicht hebben op onze eigen ‘luisterparasieten’.
Ze doelt daarmee op onze eigen emotionele huishouding die we in gesprekken meenemen. We luisteren vaak niet echt naar de woorden achter de woorden. We vragen niet door, maar reageren gelijk vanuit onze eigen ervaringen. ,,Ik bid God dat ik een vrije vrouw mag worden,” zegt ze. ,,Dat is niet alleen fijn voor mezelf, maar juist ook voor de mensen om me heen.’’
Twee oren
Ze wil ook luisteren naar de woorden die ze kan spreken: ,,Ik noem dat luisteren met twee oren: naar de pastorant en naar de Geest van God. Ik zoek ook naar woorden die ik zelf kan spreken in de situatie. Onze woorden hebben scheppingskracht. God sprak en het was er. Zo kunnen wij proberen om voorzichtig tevoorschijn te halen wat God aan het doen is in een mensenleven.’’
Info Congres geloof in zorg