Theo Boer
vrijdag 25 mei 12:30
Is iets goed omdat de bijbel het zegt? Of hebben redelijke argumenten ook zeggingskracht? Theo Boer meent dat beide van belang zijn. Het gesprek met niet-christenen zou snel afgelopen zijn zonder redelijke argumenten.
Het goede leven is meer dan genieten. Foto: SXC Adam Brokes
Waar haal je als mens je moraal vandaan? En is menselijke moraal iets anders dan christelijke moraal? Binnen de protestantse traditie, en vooral de Calvinistische varianten daarvan, is vaak gesteld dat de Bijbel ons enige richtsnoer is.
Sola scriptura heet dat: de Bijbel en niets dan de Bijbel. Dat dat opgaat voor wat christenen geloven is nogal wiedes: de incarnatie en de wederkomst bedenk je niet zelf. Maar hebben we de Bijbel ook nodig voor ons doen en laten? Voor de ethiek?
Ethiek
Laat ik eerst een lans breken voor de stelling dat de christen zijn ethiek uit de Bijbel haalt. Ethiek heeft te maken met ‘het goede leven’. Terwijl het goede leven in het liberalisme zelfontplooiing is en in het hedonisme genot, gaat het in het christendom om liefde en creativiteit.
Volledig mens ben je niet als je doet wat je maar wilt en ook niet als je ten volle geniet. Als het leven nu eerst maar geleefd wordt, komt het met het genieten ook wel goed.
De Bijbel vertelt ons hoe dat concreter in zijn werk gaat: God liefhebben, de rustdag houden, een ander of jezelf niet doden, niet scheiden of echtbreken, niet liegen, graaien of jaloers zijn, de tweede mijl meegaan, sorry kunnen zeggen. En mét dat onze cultuur liberaler en hedonistischer wordt, is er des te meer reden om de Bijbelse waarden hoog in het vaandel te schrijven.
En nog los daarvan: waarom zou je normen en waarden uit iets anders afleiden dan uit het Boek der Boeken, Gods liefdesverklaring aan de mens? De natuurwet, de rede en de emotie zijn toch maar een schaduw van het échte goede leven? Waarom genoegen nemen met de Vlooienmars als je de Negende van Beethoven kunt beluisteren?
Voorrangsregels
Er zijn ook redenen ons niet op Bijbel en geloof te beroepen. Een belangrijk deel van de moraal is namelijk met het leven gegeven. Een kwestie van gezond verstand. Paulus maakt op verschillende punten verwijzingen naar een ‘natuurlijke’ moraal. C.S. Lewis stelde al eens: er is geen cultuur waarin het een deugd is je land te verraden of je partner ontrouw te worden.
Zoals ook elk land ter wereld voorrangsregels kent, zo zijn in zekere zin ook de Tien Geboden in de harten van alle mensen geschreven. Dat noemen we de algemene genade, de ‘gemene gratie’, de rooms-katholieken spreken over ‘natuurrecht’. Al zeggen die laatsten erbij dat je het natuurrecht pas echt kunt begrijpen vanuit de Openbaring.
Bron van de moraal
Zoals God de bron is van de wiskunde, de logica en de fysica zou je dus kunnen zeggen dat Hij ook bron is van de moraal. Haar alleen uit de Bijbel willen aflezen zou zelfs nog een negatief effect kunnen hebben: je weegt niet zelf af. Zoals een kind zélf moet leren rekenen al kunnen zijn ouders haar voorzeggen, zijn christenen erbij gebaat om moreel onderscheidingsvermogen te ontwikkelen.
Daar komt nog een strategisch element bij. Stel dat je als christen met een niet-christen in gesprek bent over euthanasie. Je partner vraagt: ‘Waarom heb jij moeite met een geregisseerde dood?’ en jij antwoordt: ‘Omdat God dat verboden heeft’.
Hetzelfde over echtscheiding: ‘Waarom zou je bij elkaar blijven?’ en jij antwoordt: ‘Omdat de Bijbel dat van me vraagt’. We zeggen daarmee onbedoeld dit: ‘Wie niet gelovig is, heeft groot gelijk als hij kiest voor levensbeëindiging of echtscheiding’.
Geloofsargumenten
Dát is het probleem met het beroep op geloofsargumenten in het publieke debat: wie zijn moraal alleen uit de Bijbel afleidt (of erover bidt, of naar de Paus luistert) moet oppassen dat hij zijn niet-gelovige gesprekspartner niet impliciet gelijk geeft als deze de Tien Geboden aan zijn laars lapt.
In de Kerk door alle eeuwen heen is altijd erkend: iets is niet verkeerd zuiver en alleen omdat de Bijbel het verbiedt, maar omgekeerd: de Bijbel verbiedt iets omdat het verkeerd is. En omdat dit laatste het geval is, kunnen christenen ook argumenten geven waaróm het leven beschermd moet worden, waaróm je vrijgevig moet zijn, waaróm je je fouten moet toegeven en waaróm een onverbrekelijk huwelijk te prefereren is boven haar alternatieven. Daarom ook is ethiek een vak waarin geargumenteerd kan worden.
Tegelijkertijd is niet uitgesloten dat het afscheid van God op den duur toch het afscheid van een humane moraal inluidt. Wie weet zal de postmoderne, autonome en ten dele hedonistische mens op enig moment besluiten dat één of meer van de Tien Geboden achterhaald of zelfs verwerpelijk is.
Ik ben ervan overtuigd dat ze daarmee ook hun gezonde verstand geweld aandoen. En daarmee zouden we dan terug zijn bij de moraal van het Romeinse Rijk vóór Constantijn.