Het goede leven > Geloven > Columns > Gevederde scharrelaars en landlopers
Frans Wijnands
Gevederde scharrelaars en landlopers
Korhoenders of auerhanen, kwartelkoningen en fazanten. Het zijn allemaal gevederde scharrelaars en landlopers; de een met wat meer allure dan de ander.

De auerhaan. Foto: ANP
Een auerhaan zou ik - oordelend op z’n uiterlijk en gedrag - moeiteloos bij de landadel durven indelen. Het is allemaal stoer vliegvolk dat al lang geleden door de jenever- en whiskystokers werd uitverkoren om de etiketten van hun flessen te sieren.
Als ik bij de slijter langs de schappen slenter, lijken die vogels vertrouwen in te boezemen. Ze pikken graankorrels en ze stralen, als gevederde arenlezers achter de maaiers, een geruststellende gemoedelijkheid uit. Alsof ze me willen overtuigen dat ik terecht denk: wat goed is voor een kwartelkoning kan toch niet slecht zijn voor mij?
In feite zijn het natuurlijk verborgen verleiders die in de reclamewereld even onzichtbaar als onmisbaar zijn. Zoals sommige frisdranken en shampoos altijd hand in hand moeten gaan met frisse meiden in een witblauwe branding of onder zuurvrije watervallen; zoals zware shag bij zeeslepers schijnt te horen en gefilterde jetset-sigaretten in het dashboardkastje van ‘n eenvoudige Ferrari horen en niet in de jaszak van een verfomfaaide regenjas van een doorsnee-voetbaltrainer.
Vogels en graanjenever vormen een valse milieuvriendelijke combinatie. Korhoenders en whisky is een combinatie waar de AA nauwelijks tegenop kan. Heel verleidelijk allemaal, want van het platteland komt immers niets dan goeds... Al had het Zeeuws Meisje bij mijn weten nooit een kruik jenever in haar biezen korfje.
Vertederende eerlijkheid
Voor stads(e)mensen heeft het boerenland nog altijd iets van vertederende eerlijkheid. Vandaar dat ze in hun vergeeflijke onnozelheid broodkruimeltjes strooien op het stoepje van hun vakantiebungalowtje. Alsof die vogels, met een rits van boerenerven op vliegafstand, iets tekort zouden komen.
Een zwarte haan kraait victorie als geruststellend symbool van de betere Chiantiwijnen, zoals ook elders in Italië hanen en ander gevogelte de etiketten van wijnflessen opfleuren. Een haan op een wijnfles is overigens heel toepasselijk; het is de bevestiging van het onverwoestbare recept van coq-auvin.
Hanen zijn trouwens niet de enigen die na hun dood in wijn of andere drank gemarineerd dan wel gesmoord worden. Veel Spanjaarden zweren bij kalkoen in sherry en ‘n eend is kennelijk pas echt te verteren als-ie - na z’n dood - alsnog verzopen is in de cognac of in de mandarijnenlikeur.
Wat me terloops doet denken aan die verontwaardigde lekkerbek die zich over z’n gebraden fazantje beklaagde, ondanks de calvados. De kok zou het beestje onbehoorlijk lang hebben laten garen. Droog en taai. ,,Niks de schuld van onze kok, mijnheer”, reageerde de ober met een uitgestreken gezicht. ,,Kwestie van het beestje zelf. Te veel vlieguren, mijnheer. Veel te veel vlieguren.”