Bram van Hemmen
dinsdag 13 maart 16:47
De verzorgingsstaat gaat veranderen. In de huidige vorm werd hij al te duur en met de doorlopende crisis is het er niet beter op geworden. De overheid maakt keuzes en wijst daarbij vooral naar de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Een zorgzame samenleving, waar mensen naar elkaar omzien. Kan dat wel in een tijd waar het individualisme hoogtij viert?
Een deel van de bezuinigingen die de rijksoverheid inboekt, vindt plaats onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Grote delen van de landelijke verantwoordelijkheden worden naar lokale overheden overgedragen met daarbij de aanname dat de gemeenten meer maatwerk en creativiteit kunnen organiseren en het daardoor goedkoper zal zijn. De eerste aanname klopt zeker, de tweede is nog zeer de vraag.
Zelfredzaamheid
Om die nieuwe verantwoordelijkheden in te vullen, kiezen veel gemeenten de term ‘zelfredzaamheid’ als uitgangspunt. Deze benadering is juist, maar vraagt wel dat de gemeente ook de sociale netwerken van mensen aanspreekt.
Er zijn echter steeds meer mensen die een zwak of geen sociaal netwerk hebben. Wat is zelfredzaamheid of eigen kracht dan nog waard? De WMO heeft het dan over het compensatiebeginsel, maar hoe compenseer je een sociaal netwerk?
Een van de oplossingen kan liggen in het mobiliseren van kerken en haar vrijwilligers. Stichting HiP (Hulp in Praktijk) draagt daar in al meer dan 30 gemeenten aan bij. Zo faciliteert HiP circa 20.000 uren kerkelijk vrijwilligerswerk op jaarbasis.
Zegeningen
Uit het rapport Tel uw zegeningen uit 2008, geschreven in opdracht van de gemeente Rotterdam, bleek hoeveel de inzet van kerken en christenen kan zijn. De maatschappelijke inzet van Rotterdamse kerken bleek een waarde tussen de 110 en 130 miljoen euro te vertegenwoordigen.
Het SCP constateert in 2009 dat ruim 50% van de christenen vrijwilligerswerk doet, aanzienlijk meer dan bij niet-christenen. Bij HiP vinden we dat nog steeds aan de lage kant en horen we ook dat diaconieën moeite hebben om andere groepen te bereiken.
HiP ontsluit christelijke netwerken voor wie zelf geen sociaal netwerk heeft. Door een handig systeem worden mensen zonder sociaal netwerk gekoppeld aan een vrijwilliger.
De vrijwilliger geeft vooraf aan wanneer hij of zij wil helpen en welke activiteiten de voorkeur hebben. Of het nu het ophangen van een lepelrekje is, het doen van een boodschap of simpelweg het bieden van wat gezelschap.
En vaak is een dergelijk klusje het begin van een relatie en komt de vrijwilliger vaker langs en mobiliseert zijn of haar eigen netwerk.
Ongezonde basis
Een ongezonde basis voor een relatie zullen sommigen zeggen, de een is immers afhankelijk van de ander. Die afhankelijkheid is er echter ook in het geval van het kille bureaucratische systeem van de verzorgingsstaat.
De beleving van de vragende partij is in ieder geval zeer positief. En de vrijwilligers die via HiP ingezet worden, zijn zeer enthousiast.
Gemeenten krijgen er de komende jaren een stevige verantwoordelijkheid bij. Bij de transitie naar een zorgzame samenleving heeft een lokale overheid bondgenoten nodig.
Kerken willen van betekenis zijn en kunnen zo’n bondgenoot zijn. Samen met zorginstellingen, sportverenigingen, buurtclubs, welzijnsorganisaties, vrijwilligers, buurtgenoten en vele andere sociale verbanden, kunnen we die zorgzame samenleving bereiken.
Bram van Hemmen is bestuurslid Stichting Hulp in Praktijk en deelgemeente-wethouder in de deelgemeente IJsselmonde, Rotterdam
Op 21 maart houdt HiP een symposium (N)iemand kan zonder