Het goede leven > Samenleving > Columns > De twee zielen in de ChristenUnie-borst
Sytze Faber
De twee zielen in de ChristenUnie-borst
Minister Jan Kees de Jager vertelde vorige week in een interview dat hij het geluk gevonden heeft. Hij woont samen met een vriend, die hem in de toekomst ook als partner zal gaan vergezellen. Het CDA is blij voor hem.
Jonathan van der Geer staat (onverkiesbaar) op de lijst van de ChristenUnie voor de Tweede Kamer. Ook hij is homoseksueel. André Rouvoet liet weten - hij ging daarbij verder dan het officiële partijstandpunt - dat Van der Geer vermoedelijk niet op de lijst zou zijn gezet als hij een vriend had gehad.
In een notendop verklaart een en ander waarom de CU meestal geen alternatief is voor teleurgestelde CDA-kiezers. Vandaag vindt op een partijcongres bij de CU een wisseling van de wacht plaats. Nadat Wouter Bos en Balkenende hem waren voorgegaan houdt nu ook Rouvoet Den Haag voor gezien.
In 2007 zetten zij gedrieën Balkenende IV op poten, het zogenaamde VU-kabinet. Nooit eerder waren er zoveel gereformeerde bewindspersonen: 7 van de 27. Het heeft niet mogen baten. In het regeren zat niet veel schot. CDA en PvdA gijzelden elkaar. De drie bewindspersonen van de kleine CU konden het verschil niet maken. Integer tot op het bot, geen bestuurlijke zwaargewichten.
In februari 2010 klapte het kabinet. Het luidde een politiek keerpunt in. Het VU-kabinet werd opgevolgd door een Telegraaf-kabinet. De PvdA raakte aan het zwalken. Het CDA werd bij drie opeenvolgende verkiezingen bijna gehalveerd en belandde in een identiteits-en leiderschapscrisis. Het ziet ernaar uit dat Balkenende de laatste christendemocratische premier is geweest. En was de regeringsdeelname voor de CU een eenmalig avontuur?
Vorige generatie
In 2002 koos het CDA voor een neoliberale koers – de overheid is het probleem, de toekomst is aan de markt! – en vorig jaar kwam het zelfs terecht in (extreem-) rechts populistisch vaarwater. Nogal wat (potentiële) CDA-kiezers voelen zich verweesd. De ChristenUnie spint er echter totaal geen garen bij. Omdat er in de CU-borst twee zielen huizen. Dat is een sta-in-de-weg voor kiezers om zich met de CU te kunnen identificeren.
De christelijk-sociale benadering van Rouvoet en Slob spreekt bijvoorbeeld veel lidmaten van de PKN aan. Ze vinden echter dat de CU te harteloos omgaat met vraagstukken als homoseksualiteit en euthanasie. Dat roept bij hen herinneringen op aan discussies van een vorige generatie. Die tijd ligt achter hen.
Vooraanstaande CU’ers als Roel Kuiper, de nieuwe voorzitter van de Eerste Kamerfractie, en Gert-Jan Segers, directeur van het wetenschappelijk instituut, vinden het vooral belangrijk dat net als vroeger de orthodoxe bazuin helder wordt gestoken. De SGP moet bij de CU beslist niet uit het vizier verdwijnen. De EO helpt hen graag een handje. Dan komt de CU weer terug bij af: in de politieke periferie.
Eeneiige tweeling
Of het inderdaad die kant uitgaat hangt sterk af van Arie Slob, de nieuwe partijleider. Qua politieke opvattingen waren hij en Rouvoet een eeneiige tweeling. Slob heeft meteen aangekondigd kandidaat te zijn voor het lijsttrekkerschap bij de volgende Kamerverkiezingen. Heel verstandig. Niemand in de CU kan de komende jaren nog om hem heen.
In tegenstelling tot het CDA heeft de CU geen leiderschapsprobleem. Nog even terug naar Jan Kees de Jager. Er zit een pikant kantje aan dat hij nu uit de kast is gekomen. Mocht hij zich later toch voor het partijleiderschap beschikbaar willen stellen dan zal zijn seksuele geaardheid (in de media) geen item zijn. Hij heeft namelijk tijdig open kaart gespeeld. Regeren is vooruitzien.