Grapperhaus: van Paulus naar Saulus

Contrapunt
Sytze Faber

Het is essentieel dat burgers justitie en politie kunnen vertrouwen. Dat zijn immers de steunberen én de boegbeelden van onze democratische rechtsstaat. Zijn de verantwoordelijke minister Ferdinand Grapperhaus, de politieleiding en het Openbaar Ministerie daarvan voldoende doordrongen? Daar lijkt het niet op.

Tien jaar geleden vond de politiek dat er stevig bezuinigd moest worden op de rechtspraak. Reden dat het Openbaar Ministerie de (oneigenlijke) bevoegdheid kreeg van de strafbeschikking. Dat wil zeggen dat ze – zonder tussenkomst van de rechter – straffen kan opleggen aan verdachten van een groot aantal delicten. Per jaar worden er liefst 30.000 van die strafbeschikkingen uitgesproken. Dat scheelt inderdaad een knuistvol rechters, maar het heeft zijn prijs.

Wegens tekortschieten van het OM wordt jaarlijks gemiddeld 2000 keer ten onrechte een strafbeschikking opgelegd. Dat is nogal wat. Het betekent dat in ons land per jaar bijna 2000 burgers ten onrechte een strafblad aangesmeerd krijgen. Met voor hen alle onaangename maatschappelijke gevolgen van dien.

Tijdens een debat afgelopen woensdag bleek dat het de Tweede Kamer gelukkig (eindelijk) over de schoenen begint te lopen. Grapperhaus blijft echter maar om de hete brij heen drentelen. Deinst terug voor de heisa als al die onterecht veroordeelde burgers hun zaak begrijpelijkerwijs willen gaan heropenen. Voor een minister van Justitie een verwerpelijke afweging. Hij dient ten principale de kant te kiezen van de slachtoffers van een justitiële dwaling.

Aangifte

Dan de politie. Als je creatief boekhouden onder de knie wilt krijgen dan moet je daarheen. Dat blijkt uit een recent onderzoek van Investico, Platform voor onderzoeksjournalistiek. Bijna 1500 agenten deden eraan mee. Het is bij de politie de gewoonste zaak van de wereld dat cijfers worden gemanipuleerd. Om het mooier te laten lijken dan het in werkelijkheid is.

Misdrijven worden in de statistieken moedwillig niet opgenomen of verkeerd geregistreerd. Oplossingspercentages worden geflatteerd. Politiebonzen roeptoeteren dat de misdaad zienderogen daalt, de afgelopen vijf jaar met maar liefst 35 procent! Daarbij moet, blijkt uit het rapport van Investico, echter heel wat voor het krimpen worden gerekend.

Om aannemelijk te maken dat het in ons land met de dag veiliger wordt, wijzen politieofficieren graag op het dalende aantal aangiftes. Ammehoela.

Geen sinecure

Voor miljoenen Nederlanders is het doen van een aangifte namelijk geen sinecure. Dat moet bij voorkeur online gebeuren via de DigiD- app. Ook al is men vertrouwd met DigiD dan kan men toch verstrikt raken – ik kan erover meepraten – in koppel- en QR-codes.

Er is een alternatief: persoonlijk aangifte doen op een politiebureau. Daarvoor moet men via een landelijk telefoonnummer een afspraak maken. Dat bleek in mijn geval, geen uitzondering werd me verzekerd, zes dagen te moeten duren.

De politie bezweert burgers voortdurend vooral aangifte te doen van overtredingen en misdrijven. Zorg dan echter wel voor een klantvriendelijke, laagdrempelige procedure. Anders zijn ook dat praatjes voor de vaak.

Apekool

Ik vind het nog het schokkendst dat politieofficieren misdaadcijfers manipuleren zonder zich te generen voor hun ondergeschikten. Die weten doorgaans heel goed dat hun chefs apekool verkopen. Er lijkt een flinke steek los te zijn bij de organisatiecultuur binnen de politie.

Als hoogleraar schreef Grapperhaus graag beeldend en verontwaardigd over de ‘rafels’ aan onze rechtsstaat. Als bewindspersoon laat hij de lelijke rafels van het creatieve boekhouden bij de politie en de door het OM 20.000 aangenaaide strafbladen ongemoeid. Bij zijn oversteek naar de politiek lijkt hij van een Paulus een Saulus te zijn geworden. De omgekeerde bekeringsgang.

Reageren? fabersyma@gmail.com