Het was gek geweest als Dekker wel aftrad

De Haagse week
Henk van der Laan

Deze week was er het lange en emotionele debat over de kwestie-Michael P., de veroordeelde zedenmisdadiger die tijdens een proefverlof de jonge vrouw Anne Faber vermoordde. Omdat de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) harde conclusie trok over de casus-P. lag er vooraf politieke spanning.

Want al twee keer eerder leidde een vernietigend OVV-rapport tot het opstappen van ministers: Sybilla Dekker en Piet Hein Donner in 2005 over de Schipholbrand en Jeanine Hennis in 2017 over de ondeugdelijke en fatale mortier in Mali.

Al snel gingen de verhalen over de vraag: kan minister Sander Dekker blijven of niet? De vraag werd ingegeven door een verkeerde interpretatie van de term ministeriële verantwoordelijkheid. Dit wil niet zeggen dat de minister altijd kop van Jut is bij ambtelijk falen. De term is in feite veel saaier. Het betekent niet veel meer dan dat de minister (of zijn staatssecretaris) degene is die over zijn toegewezen beleidsterrein de Staten-Generaal moet inlichten. En als een lid van de Staten-Generaal iets wil weten over ministerieel beleid dan moet hij zich wenden tot de minister. Oftewel: het is de taak van de beide Kamers om de overheid te controleren, en het is de minister die over het overheidsbeleid op zijn ministerie (of toegewezen beleidsterreinen) verantwoording aflegt. Hij staat dus tussen Kamer en ambtenaren in. Omdat ambtenaren zich niet kunnen en mogen verweren, kan de minister bij de verantwoording ook niet de schuld afschuiven op hen.

Opstappen

Ministeriële verantwoordelijkheid wil dus niet zeggen dat een minister moet opstappen als er iets fout gegaan is. Dat kan (of eigenlijk: moet) hij wel doen bij de volgende gevallen. Eén: de minister heeft persoonlijk een fout gemaakt dan wel is persoonlijk betrokken geweest bij het falen. Twee: het falen is een direct gevolg van door hem ingezet beleid. Drie: de Kamer heeft niet het idee dat deze minister het nog in de macht heeft om het beleid ten goede te keren. Vier: er is geen persoonlijke betrokkenheid, maar het falen vond wel plaats onder zijn verantwoordelijkheid.

Bij Dekker zou aftreden daarom raar zijn geweest. Immers: de moord op Anne Faber vond plaats onder het vorige kabinet. Toen was Dekker nog staatssecretaris van Onderwijs. Wie was er toen wel minister van Justitie? Juist: Stef Blok, nu minister van Buitenlandse Zaken. En toch keek niemand zijn kant op.

Dekker had alleen kunnen aftreden om een vijfde interpretatie van ministeriële verantwoordelijkheid. Dat is dat het falen zo groot en schokkend is, dat de minister als een soort zondebok het ambtelijk falen op zijn schouders neemt en de parlementaire woestijn in loopt. Had Dekker dat gedaan dan was dat voor het eerst geweest zijn.

Veilig

Maar goed dat hij dat niet heeft gedaan. Want als dat ook een regel zou moeten worden, rijst al snel de vraag hoe lang de casus geleden moet zijn wil een minister nog ‘veilig’ zijn? Kan overheidsfalen uit 2010 een huidige minister nog fataal worden? En uit 2001, 1993 en 1985 dan? Waar leg je de grens? En wie wordt daar beter van?

‘Niet aftreden, maar optreden’ is een sleets politiek cliché, maar in dit geval wel helemaal waar.