Aristocraat en slavenzielen

Sytze Faber

Op het congres van Thierry Baudets Forum voor Democratie kwamen net zoveel leden (1700) af als op de congressen van ChristenUnie en VVD samen. Binnen een jaar tijd stampte hij een partij uit de grond met meer dan 15.000 leden van opvallend diverse pluimage. In de Politieke Barometer van 30 november is zijn partij de enige die, vergeleken met de Kamerverkiezingen van maart, een echte klapper maakt: van twee naar elf zetels. Hoe flikt Baudet dat? Welke steken laten de traditionele politici vallen?

De afgelopen week is symptomatisch. Arie Slob, de nieuwe minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs een Media, stond in de schijnwerpers. Qua integriteit en betrouwbaarheid niet te kloppen. Hij symboliseerde echter ook de onmacht van het Binnenhofse wereldje. De problemen bij het primaire onderwijs, het is allang bekend, lopen de spuigaten uit. Te lage salarissen, een chronisch lerarentekort, veel te hoge werkdruk. Steeds meer kinderen zijn de dupe. Er is becijferd – aan de betrouwbaarheid ervan wordt niet getornd – dat er 1,4 miljard op tafel moet komen om het tij te keren. Het regeerakkoord maakte daar minder dan de helft van. Op een massabijeenkomst van leraren was de verdedigingslinie van Slob krakkemikkig. Hij had, tot zijn spijt, niet meer geld meegekregen. Dank je de koekoek. Door minister te worden, nam hij de verantwoordelijkheid voor het feit dat er door het afschaffen van de dividendbelasting wél 1,4 miljard naar buitenlandse aandeelhouders gaat en níét naar het primaire onderwijs. Zó zit de vork in de steel. Slob verdedigde zich volgens de gewoonten van het Binnenhof. Het regeerakkoord als einde van de wijsheid. Debatten zijn ontaard in rituelen. Daar loopt Baudet tegen te hoop.

Vooruitgangsgeloof

Er is nog het een en ander. De afgelopen zestig jaar stonden in het teken van een onwankelbaar vooruitgangsgeloof. De economische groei zou eeuwig zijn. En als gevolg daarvan – voor de wind is iedereen een hardzeiler – steeds meer welvaart, meer democratie, meer mensenrechten, meer sociale zekerheid, steeds meer jezelf kunnen zijn. De politiek was er om de consumentenhonger te stillen. Het begint echter te dagen dat de wal het schip gaat keren. De nationale politiek verliest haar greep op de gebeurtenissen. Elke week is er wel een treurig voorbeeld. Ook internationale ontwikkelingen zijn niet te managen. De klimaatverandering en het enorme geboorte-overschot in Afrika zullen leiden tot vluchtelingenstromen, waarbij die van tegenwoordig slechts beekjes zullen blijken te zijn geweest. Door robotisering kunnen zelfs 30 à 50 procent van de arbeidsplaatsen verdampen. Wat te doen? Er is geen enkel idee.

Het vooruitgangsgeloof sterft een stille dood. Er hangt onheil in de lucht. De behoefte aan veranderingen verdwijnt, de romantisering van het verleden rukt op. Daarin past geen EU. Terugverlangen naar nationale soevereiniteit, naar de eigen grenzen kunnen sluiten, naar de overzichtelijke hegemonie van de aristocratie. Met zijn zwierigheid, ironie, intellectuele uitstraling, zijn strooien met erudiete citaten en de EU als zijn zelfverklaarde vijand paradeert Baudet als een kind van déze tijd. ,,Ik wil geen premier worden, maar vrees dat ik het moet doen.” Ogenschijnlijk de paradijsvogel in het Haagse inteeltwereldje. Hij poseert als de onafhankelijke aristocraat waar eeuwen beschaving overheen zijn gegaan. Schril contrast met de slavenzielen van regeerakkoorden en het oppositievoeren om het oppositievoeren. Steeds meer kiezers staren in zijn koplampen. Ze zijn uitgedemocratiseerd. Ze zijn de voorspelbare mores van het Binnenhof zat. Ze verlangen naar grandeur, eruditie, weidse vérgezichten, eigenzinnigheid, romantiek. Placebo’s voor een werkelijkheid zonder vooruitgang. Baudet voorziet erin. Zijn zegetocht kan nog weleens een tijdje duren.

Reageren? fabersyma@gmail.com