Het oog van de orkaan

Edwin Visser

Een land als Jordanië wordt bevolkt door stammen. Meestal leven die rustig naast elkaar, maar als het erop aankomt kan blijken dat de betrokkenheid bij de stam veel groter is dan bij het land.

Jordanië is aan alle kanten omgeven door landen met problemen. Aan de noordkant woedt de Syrische burgeroorlog. In het oosten viert de terreur in Irak hoogtij. En net over de Jordaan in het westen spelen de problemen tussen Israeliërs en Palestijnen voortdurend op. Een Jordaanse bedoeïen die ik onlangs sprak, noemde zijn land ‘het oog van de orkaan’. Toch voelen we ons veilig hier, hoewel we vorige week toch maar even binnen bleven.

Uitspraak

De aanleiding was een uitspraak van de rechtbank waarbij een Jordaanse militair werd veroordeeld tot levenslang. Vorig jaar schoot hij drie Amerikaanse agenten dood bij de ingang van een legerbasis in het zuiden van het land. Volgens de militair deed hij dat omdat de Amerikanen hem aanvielen. Maar volgens de rechtbank is daar geen enkel bewijs voor.

Abu Tayeh, de Jordaanse soldaat, was boos bij het horen van de uitspraak. ,,Ik respecteer de koning, maar deed slechts mijn plicht”, riep hij toen hij de rechtbank werd uitgeleid. Zijn familie behoort tot de invloedrijke stam van de Howeitat. En die kwam massaal in opstand tegen de uitspraak.

Volgens de stam is het proces zwaar beïnvloed door externe druk, met name van de Amerikaanse overheid. De stamleden zijn ervan overtuigd dat hun held Abu Tayeh niets anders deed dan zichzelf en zijn land verdedigen. Om hun ongenoegen te uiten trokken ze vanuit hun woonplaats Al Jafr, in het zuiden van het land, naar de hoofdstad Amman. Lange rijen witte pick-ups volgeladen met stamleden in witte gewaden en rode hoofddoeken trokken naar de stad. Velen droegen een geweer waarmee naar hartenlust in de lucht werd geschoten – de tijden van Lawrence in Arabia leken te herleven. Kort voor aankomst in Amman werden ze tegengehouden door de politie en teruggestuurd naar waar ze vandaan kwamen.

Emotie

Naast oude tradities gebruiken de Howeitat ook moderne middelen. Kort na de uitspraak ontploften Twitter en Facebook met oproepen om in opstand te komen. Een nieuwe Facebookpagina van de stam had al snel 90.000 volgers. Daarop verschenen ook oproepen om buitenlanders in Jordanië een lesje te leren. Precies de reden waarom wij toch maar even rustig aandeden en de hoofdweg die de stad inleidt een tijdje hebben omzeild.

De situatie rond Abu Tayeh laat overduidelijk zien dat in Jordanië ‘stamgevoel’ veel sterker is dan een nationaal gevoel. Er is hier veel respect voor de koning, maar als er iets gebeurt dat riekt naar vooringenomenheid tegenover een bepaalde stam, zijn de rapen gaar. Feiten tellen dan niet meer, het draait alleen nog om emotie.

In een poging de protesten de kop in te drukken, gaf de Jordaanse overheid vorige week een video vrij van het schietincident. Daarin is duidelijk te zien dat de Jordaanse soldaat zonder aanleiding op de Amerikanen begint te schieten. Ze rennen de auto uit, steken hun handen in de lucht om te laten zien dat ze geen kwaad in de zin hebben. Maar ze worden in koelen bloede vermoord.

Botsende systemen

Wie zou denken dat deze video de gemoederen deed bedaren, heeft het mis. Kort na het vrijgeven stroomden de sociale media in Jordanië vol met berichten die beweren dat het een nepvideo is. Als iets je niet zint, noem je het fake, dat gebeurt dus ook in Jordanië.

De Howeitat hebben de Jordaanse overheid een ultimatum gesteld om hun stamlid vrij te laten. De kans is klein dat dit ook gaat gebeuren. Er komt nog wel een hoger beroep in de rechtszaak. Misschien dat dit iets oplevert waardoor de emoties wat tot bedaren komen.

We volgen deze ontwikkelingen met interesse. Omdat het boeiend is om te zien hoe een stammensysteem botst met het gangbare rechtssysteem. En natuurlijk ook om te volgen of de situatie niet verder escaleert. Waarschijnlijk zal het zo’n vaart niet lopen. We voelen ons veilig – ook in het oog van de orkaan.

Edwin Visser werkt namens Medair in Jordanië. Hij woont in de hoofdstad Amman.