Feiten en normen op weg naar de uitgang

Sytze Faber

De wrok van tegenwoordig over elites heeft meerdere vaders. Eentje wordt nooit genoemd: de massale laaggeletterdheid. Eén op de acht volwassen Nederlanders kan zich in de maatschappij niet zelfstandig redden omdat hij/zij onvoldoende kan lezen en schrijven. Dat wordt er ook niet beter op. Liefst een kwart van de leerlingen verlaat momenteel de basisschool met een taalachterstand. Dat is rampzalig.

De overheid digitaliseert dat het een aard heeft. Over (half)analfabetisme hoor je haar niet. Zelfredzaamheid is het toverwoord in het neoliberale tijdperk. Maar hoe leer je inloggen et cetera als je het lezen niet onder de knie hebt? Laaggeletterden worden vreemdelingen in eigen land omdat ze basale vaardigheden voor de digitale samenleving missen. Een bedrijf met een uitval van 25 procent gaat onherroepelijk naar de gallemiezen. Maar over het onderwijs met een zelfde uitval wat taal betreft, hoor je ze in Den Haag nauwelijks. Wordt ook beslist geen item in de aanstaande verkiezingscampagne. Laaggeletterden waren nooit een doelgroep voor de campagnestrategen. Kwestie van marktdenken. Velen van hen stemden immers sowieso niet. Geen winst mee te behalen. Maar dat is aan het veranderen.

Populistische politici zoals Trump in de VS en Wilders bij ons trekken nogal wat kiezers, die de stembureaus niet eerder bezochten. Niet alleen laaggeletterden, ook uit andere bevolkingsgroepen. Belangrijke oorzaak: gevoelens zijn voor velen belangrijker geworden dan feiten. Net als in de sociale media willen velen vooral bevestigd worden in hun meningen en vooroordelen. Feiten en deskundigheid kunnen hun gestolen worden. Die horen bij de elites. Onlangs werden in een speech van Trump eenenzeventig flagrante leugens geturfd. Kan het schelen. Hij zegt wat zijn supporters vinden en voelen. Daar gaat het om.

Niet alleen feiten zijn in de politiek op weg naar de uitgang, ook de normen. In Denemarken is het betonen van barmhartigheid aan vluchtelingen intussen wettelijk strafbaar gesteld. Honderden Denen zijn al stevig beboet (ze kunnen zelfs twee jaar de bak indraaien) omdat ze vreemdelingen een kop koffie, een lift of een slaapplek hadden aangeboden. Daarmee, zegt de nieuwe wet, zijn ze handlangers van mensensmokkelaars geworden. Je moet er maar op komen. Elders in Europa zijn veel voorbeelden dat mensen die een helpende hand uitsteken naar vreemdelingen door politie en autoriteiten worden gekoeioneerd.

Kind van de elites

Deze ethische woestenij is een kind van de elites. Al een jaar twintig, dertig geldt in feite maar één toetssteen: de marktwerking, het geldelijk gewin. De overheid zag zichzelf niet meer als natuurlijke bondgenoot van kansarmen en het kwetsbare, maar sloeg als een malloot aan het privatiseren. Gevolg: een snel wijder wordende kloof tussen kansarmen en kansrijken. Ook zien velen, niet alleen laaggeletterden, wegens een stortvloed aan informatie van elkaar beconcurrerende marktpartijen door de bomen het bos niet meer. Mensen zijn gereduceerd tot consumenten. De politiek volstaat met het appelleren aan hun hebzucht. De politicus is een koopman, zei Mark Rutte onlangs in Zomergasten. Daarin staat hij lang niet alleen.

Rutte en Wilders zijn er op gebrand van de verkiezingsstrijd een tweekamp te maken. Voor beiden, denken ze, een win-winsituatie. Jesse Klaver kan echter roet in hun eten gooien. Hij kiest voor een principieel andere invalshoek. Wil de strijd aangaan met wat hij het economisme noemt, de dominantie van de marktwerking en het egoïsme. Wil appelleren aan mensen van goede wil, aan onbaatzuchtigheid. Een principieel andere invalshoek. Het primaat van de feiten is daarmee nog niet hersteld, maar de normativiteit is tenminste weg uit de anonimiteit. Dat is in ieder geval wat.

Reageren? fabersyma@gmail.com